Oriëntatienota - Voor een rechtvaardige, redelijke en humane uitvoering van straffen
Commissie Wetboek Strafuitvoering (Commission Code de l'exécution des peines)
Samenvatting bron met AI - voor een juist en volledig begrip raadpleeg het artikel.
Deze oriëntatienota van de Commissie Wetboek Strafuitvoering legt de fundamenten vast voor het toekomstige Belgische Wetboek Strafuitvoering. Het document streeft naar een rechtvaardige, redelijke en humane uitvoering van straffen, met een centrale rol voor de strafuitvoeringsrechtbank, een gefaseerd systeem voor gevangenisstraffen en versterkte rechten voor slachtoffers.
🏛️ Waarom is een nieuw Wetboek Strafuitvoering nodig?
📜 De huidige regels rond strafuitvoering in België zijn versnipperd over verschillende wetten en omzendbrieven, wat kan leiden tot tegenstrijdigheden en rechtsonzekerheid. Met de invoering van het nieuwe Strafwetboek in 2024 werd het noodzakelijk om ook de strafuitvoering te moderniseren en te bundelen in één helder wetboek.
🎯 Het nieuwe wetboek heeft vier hoofddoelen:
- Duidelijkheid en transparantie: Het bieden van een overzichtelijke wetgeving die de rechtszekerheid waarborgt.
- Samenhang: Een naadloze afstemming met het Strafwetboek en het Wetboek van Strafvordering.
- Voorspelbaarheid: Duidelijke regels voor zowel veroordeelden als slachtoffers over hoe een straf verloopt.
- Effectiviteit: Een geloofwaardige en doeltreffende uitvoering van straffen binnen een redelijke termijn.
⚖️ Drie fundamentele pijlers voor de uitvoering van straffen
🕊️ De Commissie stelt dat de uitvoering van elke straf altijd aan drie kernvoorwaarden moet voldoen:
- Rechtvaardig: De uitvoering moet getrouw blijven aan de beslissing van de rechter, rekening houden met de doelstellingen van de straf en inspelen op nieuwe omstandigheden sinds de veroordeling.
- Redelijk: Straffen moeten binnen een redelijke termijn worden uitgevoerd, waarbij schadelijke neveneffecten zoveel mogelijk worden beperkt.
- Humaan: De uitvoering moet te allen tijde verlopen met eerbied voor de menselijke waardigheid en de grondrechten van de veroordeelde.
🏛️ De Strafuitvoeringsrechtbank (SURB) als centrale spil
🧑⚖️ De Commissie stelt voor om de bevoegdheden van de huidige probatiecommissies af te schaffen en over te hevelen naar de Strafuitvoeringsrechtbank (SURB). Hierdoor wordt de SURB de centrale instantie voor de opvolging van vrijwel alle straffen.
👥 Een grote meerderheid binnen de Commissie kiest voor meervoudige kamers (bestaande uit een rechter en twee deskundige assesseurs in penitentiaire zaken en re-integratie). Deze multidisciplinaire aanpak zorgt voor meer expertise, gebalanceerde beslissingen en een sterke focus op sociale herintegratie. Het principe hierbij is "één justiciable = één kamer = één dossier".
⛓️ Een gefaseerd model voor de gevangenisstraf (système par paliers)
🚪 Vrijwel alle gedetineerden keren op een dag terug in de maatschappij. Om recidive te voorkomen en de veiligheid te garanderen, kiest de Commissie voor een gecontroleerde en gefaseerde overgang van de gevangenis naar de vrije samenleving. Dit traject bestaat uit drie opeenvolgende fases:
- Voorbereiding in detentie: Vanaf de opsluiting wordt een individueel detentieplan opgesteld en worden risico-evaluaties uitgevoerd. Uitgangsvergunningen en penitentiair verlof helpen de re-integratie voor te bereiden.
- Discretionaire beoordeling door de SURB: Vanaf een bepaalde datum (bijvoorbeeld na het uitzitten van 1/3 van de straf) kan de SURB beslissen over een overgang naar strafuitvoering extra muros (zoals beperkte detentie, elektronisch toezicht of voorwaardelijke invrijheidstelling).
- Wettelijk vastgelegde overgang: Voor personen die nog geen gunst kregen, voorziet de wet op een vastgesteld moment (bijvoorbeeld op 1/2 van de straf) automatisch in een overgang naar uitvoering buiten de gevangenis onder toezicht en voorwaarden van de SURB.
⏱️ Beperking van elektronisch toezicht: Om te vermijden dat een gevangenisstraf vanaf de eerste dag thuis met een enkelband wordt uitgezeten, wordt elektronisch toezicht als modaliteit beperkt in de tijd (maximaal twee keer zes maanden), waarna het bij een gunstig verloop overgaat in een voorwaardelijke invrijheidstelling.
🛡️ Versterkte positie van het slachtoffer
📢 Slachtoffers krijgen een volwaardige en duidelijke plek in het proces van de strafuitvoering:
- Uitgebreid informatierecht: Slachtoffers krijgen het recht om geïnformeerd te worden over het verloop van de strafuitvoering, ook bij alternatieve of niet-vrijheidsbenemende straffen.
- Recht om gehoord te worden: Slachtoffers kunnen via de "slachtofferfiche" specifieke voorwaarden vragen (zoals een contact- of gebiedsverbod) en kunnen door de SURB worden gehoord over de voorwaarden die hun belang aanbelangen.
- Betere contextualisering: Slachtofferonthaaldiensten krijgen toegang tot het volledige vonnis van de SURB om slachtoffers gerichter bij te staan.
🏢 Aanpak van de overbevolking in gevangenissen
📊 Een meerderheid van de Commissie pleit voor het opnemen van wettelijke reguleringsmechanismen om de gevangenisbezetting af te stemmen op de beschikbare capaciteit, zodat de omstandigheden menselijk blijven. Voor kortere straffen (tot één jaar) worden soepelere uitvoeringsvormen voorgesteld, zoals een verruimde vorm van gefragmenteerde strafuitvoering of semi-detentie, zodat sociale en professionele banden niet onnodig worden doorbroken.
📜 Hervorming van het strafregister en herstel in rechten
🔄 De huidige procedures voor het strafregister en het herstel in rechten worden als te ingewikkeld en belemmerend ervaren voor de sociale en professionele re-integratie. De Commissie stelt vereenvoudigingen voor, waaronder:
- Het niet vermelden van bepaalde lichte straffen op het uittreksel van het strafregister voor specifieke jobs.
- Een automatische wettelijke uitwissing voor lichte straffen.
- Duidelijke voorwaarden voor gerechtelijk herstel in rechten bij zwaardere straffen.
🤝 Noodzakelijke randvoorwaarden en middelen
🤝 Een hervorming op papier is pas succesvol als er voldoende middelen en menskracht tegenover staan. De Commissie benadrukt dat de Justitiehuizen, de penitentiaire diensten en de SURB voldoende personeel en IT-ondersteuning moeten krijgen. Daarnaast is nauwe samenwerking nodig met externe sectoren zoals huisvesting, gezondheidszorg en werkgelegenheid om een vlot herintegratietraject te garanderen.