Printvriendelijk afdrukken

donderdag 9 april 2026

Uitspraak EHRM - AFFAIRE M.V. ET AUTRES c. BELGIQUE (AI)

Bron

Het arrest M.V. en anderen tegen België van 9 april 2026.

📋 De Feiten: Wat is er precies gebeurd?

In 2021 en 2022 kwamen vier mannen (uit Angola, Guinee, China en Kameroen) in België aan en vroegen zij asiel ("internationale bescherming") aan. Volgens de wet hadden zij direct recht op opvang (zoals een bed, eten en sanitair), maar door de verzadiging van het Belgische opvangnetwerk kregen zij dit niet. Daardoor moesten deze mannen 111 tot zelfs 338 dagen overleven in de straten van Brussel, waar ze sliepen op karton, in de kou, zonder enige hulp van de overheid.

De mannen lieten het er niet bij zitten en stapten naar de Brusselse arbeidsrechtbank. De Belgische rechter gaf hen gelijk en beval de overheid (Fedasil) om hen onmiddellijk op te vangen. Om druk te zetten, legde de rechter dwangsommen (boetes) op voor elke nacht dat ze nog op straat moesten slapen. De Belgische overheid negeerde deze definitieve vonnissen echter volkomen en weigerde ook de dwangsommen te betalen.

Ten einde raad stapten de asielzoekers naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Dit Hof legde België onmiddellijk bindende "voorlopige maatregelen" (noodbevelen) op om de mannen direct van de straat te halen. Zelfs na deze zware Europese noodbevelen liet België de mannen nog eens 21, 64, 107 en in één geval zelfs 261 dagen wachten op een opvangplaats.

🛡️ De Verweermiddelen: Wat was het excuus van de Belgische staat?

De Belgische overheid probeerde zich voor het Europees Hof op verschillende manieren te verdedigen:

  1. Verkeerde procedure: De overheid vond dat de asielzoekers niet naar het EHRM mochten stappen, omdat ze eerst in België een schadevergoeding hadden moeten eisen via de burgerlijke rechtbank.
  2. Niet "onmenselijk" genoeg: De overheid beweerde dat het leven op straat niet ernstig genoeg was om van "onmenselijke of vernederende behandeling" te spreken. Volgens België hadden de mannen maar hulp moeten vragen bij door de staat gesubsidieerde liefdadigheidsinstellingen en vzw's.
  3. Overmacht en geen kwade wil: De overheid ontkende dat ze de rechters bewust negeerde. Men schoof de schuld op "materiële onmogelijkheid" door een samenloop van crisissen: een enorme stijging van het aantal asielzoekers, Oekraïense vluchtelingen, een tekort aan personeel en gebrek aan beschikbare gebouwen.

⚖️ De Principes: Hoe keek het Europees Hof hiernaar?

Het EHRM veegde de argumenten van de Belgische staat van tafel op basis van drie fundamentele principes uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM):

  • Artikel 3 (Verbod op onmenselijke behandeling): Het Hof stelt dat het recht op menselijke waardigheid absoluut is. Een migratiecrisis of gebrek aan capaciteit is géén geldig excuus om mensen op straat te laten verkommeren. Dat liefdadigheidsinstellingen misschien een maaltijd gaven, ontslaat de staat niet van zijn wettelijke plicht om voor basisopvang te zorgen.
  • Artikel 6 (Recht op een eerlijk proces & naleving van vonnissen): Als een rechter oordeelt dat de staat iets moet doen, dan móét de staat dat doen. Het Hof oordeelde dat wachttijden van maanden onredelijk zijn, zeker omdat de staat ook weigerde de dwangsommen te betalen die door de Belgische rechters waren opgelegd.
  • Artikel 34 (Naleving van Europese noodbevelen): Als het EHRM een noodbevel uitvaardigt (om onherstelbare schade te voorkomen), moet een land hier onmiddellijk gehoor aan geven. Tientallen tot honderden dagen wachten is een duidelijke schending, ongeacht de crisissituatie.

🔥 Waar het EHRM België "de pan uitveegt"

Het Hof spaarde zijn kritiek op de Belgische overheid niet en gebruikte ongewoon harde juridische taal om de ernst van de situatie te benadrukken. Hier zijn de hardste oordelen:

  1. Over het gebrek aan respect voor de menselijkheid: Het Hof stelt dat het de schuld is van de Belgische autoriteiten dat deze mannen maandenlang, zelfs in de winter, zonder middelen of sanitair op straat leefden. Het Hof oordeelt keihard dat de mannen “slachtoffer zijn geweest van een vernederende behandeling die getuigt van een gebrek aan respect voor hun waardigheid ("témoignant d'un manque de respect pour leur dignité").
  2. Over het structureel negeren van Belgische rechters: Het Hof wijst op het systematisch falen van de Belgische autoriteiten om definitieve rechterlijke beslissingen uit te voeren” ("carence systémique des autorités belges").
  3. De absolute veroordeling van het overheidsbeleid (de hardste klap): Het EHRM herinnert België eraan dat het consequent negeren van de wet en het niet opvolgen van rechterlijke bevelen de fundamenten van onze samenleving aantast. Het Hof stelt onomwonden: “een dergelijke praktijk is onverenigbaar met het principe van de rechtsstaat dat aan het hele systeem van het Verdrag ten grondslag ligt” ("une telle pratique est incompatible avec le principe de l'État de droit qui sous-tend l'ensemble du système de la Convention"). In gewone mensentaal zegt het Hof hier: "Door uw eigen rechters te negeren, gedraagt de Belgische overheid zich als een staat waar het recht niet meer regeert."

✅ De Beslissing

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft unaniem beslist dat België schuldig is aan de schending van Artikel 3, Artikel 6 én Artikel 34 van het EVRM.

De Belgische staat is veroordeeld tot het betalen van een morele schadevergoeding (smartengeld) aan de vier mannen voor het leed dat zij hebben ondergaan. België moet binnen de drie maanden de volgende bedragen betalen:

  • Aan M.V.: € 5.070
  • Aan B.L.: € 8.450
  • Aan S.N.: € 12.350
  • Aan G.D.: € 6.000
Hoe bepaalt het EHRM de hoogte van de schadevergoedingen?

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) bepaalt de hoogte van een schadevergoeding op basis van artikel 41 van het EVRM, dat het Hof de mogelijkheid geeft om een "billijke tegemoetkoming" (satisfaction équitable) toe te kennen als het nationale recht de gevolgen van een schending onvoldoende kan herstellen. Het Hof hanteert hierbij verschillende criteria voor materiële en morele schade:

Materiële schade (aantoonbaar financieel verlies) Het EHRM kent alleen een vergoeding voor materiële schade toe als er een direct oorzakelijk verband is tussen de vastgestelde schending en de geclaimde financiële schade. In dit arrest hadden de verzoekers bijvoorbeeld een bedrag geëist dat gelijk was aan het Belgische leefloon voor de maanden dat zij op straat leefden, maar het Hof wees dit af omdat dit directe oorzakelijke verband ontbrak en zij volgens het nationale recht sowieso geen aanspraak konden maken op dit leefloon.

Morele schade (smartengeld voor aangedaan leed) Voor het bepalen van de hoogte van de morele schadevergoeding doet het Hof uitspraak naar billijkheid. Het Hof gebruikt geen vaste wiskundige formules, maar weegt de specifieke omstandigheden van het geval af. In dit arrest stelt het Hof uitdrukkelijk dat het rekening houdt met de volgende factoren om het bedrag te bepalen:

  • De aard en de ernst van de schendingen van de rechten van de verzoekers.
  • Het psychologische en fysieke lijden dat deze schendingen bij hen hebben veroorzaakt.
  • De duur van de situatie van ontbering waarin de verzoekers hebben moeten leven.

Op basis van deze concrete afweging naar billijkheid (waarbij met name de wachttijd op straat per individu verschilde), kende het Hof in deze zaak uiteenlopende bedragen voor morele schade toe aan de vier verzoekers, variërend van €5.070 tot €12.350.

woensdag 1 april 2026

Strategische plan ‘Horizon 2030’ van het College van de hoven en rechtbanken

Bron



1. Waarom is dit plan nodig? (De huidige problemen)

Justitie staat onder grote druk. Het document somt enkele belangrijke problemen op waar de rechtbanken dagelijks mee worstelen:

  • Te weinig middelen: Er is een structureel tekort aan geld en personeel, en de gebouwen zijn vaak sterk verouderd.
  • Trage procedures: De wachttijden en achterstanden in sommige rechtbanken zijn onredelijk lang.
  • Complexe administratie: Er zijn te veel beslissingsniveaus, waardoor problemen traag worden opgelost en de rechtbanken nog steeds niet echt zelfstandig hun eigen budgetten kunnen beheren (beheersautonomie).
  • Dalend vertrouwen: Slechts 54% van de burgers heeft nog vertrouwen in justitie, mede door trage werking en gebrekkige communicatie.

2. Visie en Waarden

Het College wil een instelling zijn die oplossingen zoekt en verantwoordelijkheid neemt. Daarbij hanteren ze vier kernwaarden:

  1. Servicegerichtheid: Pragmatisch werken en concrete oplossingen zoeken voor de rechtzoekende.
  2. Open samenwerking: Iedereen betrekken (magistraten, griffiers en personeel) en de juiste beslissingen nemen op het juiste niveau.
  3. Collegialiteit: Samen beslissingen nemen in het belang van justitie en de burger.
  4. Integriteit: Eerlijk de behoeften in kaart brengen en transparant zijn in de keuzes die gemaakt worden.

3. De 4 Strategische Doelstellingen (Het Actieplan)

Om de problemen aan te pakken, focust het plan zich op vier grote pijlers:

Doelstelling 1: De dagelijkse werking en ondersteuning verbeteren Het College wil de leiding van de rechtbanken (de directiecomités) beter helpen met hun dagelijkse taken:

  • Geld en aankopen: Zorgen voor een eerlijkere verdeling van het geld en een simpeler systeem om aankopen te doen.
  • IT-hulp: Betere technische ondersteuning en begeleiding bieden aan het personeel wanneer er nieuwe digitale systemen worden ingevoerd.
  • Personeel: Vacatures sneller helpen invullen en sneller vervanging zoeken voor mensen die langdurig ziek zijn.
  • Gebouwen: Ervoor zorgen dat kleine herstellingen in verouderde gebouwen sneller en makkelijker kunnen worden uitgevoerd.
  • Achterstand wegwerken: Rechtbanken begeleiden om hun wachttijden beter in kaart te brengen en te verkorten.

Doelstelling 2: De werking optimaliseren door vernieuwingen Men wil justitie moderniseren, ondanks het beperkte budget:

  • Digitalisering: Volop inzetten op systemen zoals JustCase (één centraal digitaal dossier) en JustOnWeb (zodat burgers makkelijker online toegang krijgen tot justitie). Ook het organiseren van digitale hoorzittingen wordt belangrijker.
  • Echte zelfstandigheid (Beheersautonomie): Het is de bedoeling dat rechtbanken eindelijk hun eigen beschikbare budgetten flexibel mogen beheren om in te spelen op hun eigen, lokale noden.
  • Werklast meten: Men gaat nauwkeuriger meten hoeveel werk magistraten én personeel hebben, om zo het geld en de mensen eerlijker te verdelen.

Doelstelling 3: Een modernere en professionelere organisatie worden Als justitie meer zelfstandigheid krijgt, moet ze ook bewijzen dat ze dit goed aankan:

  • Controle en audits: Interne controles (audits) en een beter risicobeheer invoeren om zeker te zijn dat alles goed verloopt.
  • Gegevens en statistieken: Veel slimmer en veiliger omgaan met verzamelde data (data governance) en dit gebruiken om betere beslissingen te nemen.
  • Kennis behouden: Vaste werkprocessen uitschrijven zodat kennis niet verloren gaat en nieuwe medewerkers makkelijker kunnen worden ingewerkt.

Doelstelling 4: Het imago van justitie bij de burger verbeteren Justitie wil haar slechte imago afschudden door open en menselijker te communiceren:

  • Transparantie: Uitspraken die maatschappelijk belangrijk zijn beter uitleggen aan de pers om onbegrip en valse informatie tegen te gaan.
  • Heldere taal en sociale media: Inzetten op begrijpelijke taal, informatieve video's en een betere aanwezigheid op sociale media.
  • Beter onthaal: Het onthaal van burgers in de rechtbanken vriendelijker maken. Er komt ook extra aandacht voor de opvang van slachtoffers om te voorkomen dat zij extra trauma's oplopen door de procedure.

4. Hoe gaan ze dit uitvoeren en opvolgen?

Om dit plan geen dode letter te laten zijn, heeft het College een stappenplan bedacht:

  • Meer mankracht: Er worden extra deskundigen (zoals HR-specialisten en IT'ers) aangenomen bij de steundienst om deze plannen te kunnen trekken.
  • Risicobeheer: Ze hebben vooraf de mogelijke problemen geanalyseerd (zoals politieke weerstand of te weinig budget) en maatregelen bedacht om hiermee om te gaan.
  • Evaluatie: Elk jaar wordt er een verslag gemaakt, en halverwege de rit (rond 2027) zal het plan grondig worden geëvalueerd en bijgestuurd indien nodig.

Korte termijn maatregelen om de overbevolking in de gevangenissen tegen te gaan

Dit zouden de korte termijnmaatregelen zijn die de regering zou voorstellen (onder alle voorbehoud van juistheid)


 


➤ Korte‑termijnmaatregelen – gedetineerden

Om het aantal personen dat op de grond moet slapen te verminderen en om uitgesproken maar opgeschorte gevangenisstraffen effectief te kunnen uitvoeren, wordt ingezet op een ruimer gebruik van elektronisch toezicht (ET) en op de verlenging van de bestaande maatregel Vervroegde Invrijheidstelling (VI) Overbevolking, zij het in een beperktere vorm.

  • Personen die veroordeeld zijn tot een totale straf van maximaal 18 maanden zullen hun straf voortaan onder ET uitvoeren.
  • Personen die veroordeeld zijn tot een totale straf tussen 18 maanden en 10 jaar gaan automatisch onder ET 18 maanden vóór het einde van hun straf.
  • Bepaalde categorieën veroordeelden zijn uitgesloten: terrorisme, seksuele misdrijven, zware geweldsfeiten en bepaalde drugsgerelateerde misdrijven.
  • Alle dossiers worden systematisch voorgelegd aan de strafuitvoeringsrechtbank (SUR/TAP), die beslist over het verdere verloop van het elektronisch toezicht.
  • De VI Overbevolking wordt verlengd tot eind 2027, maar enkel voor veroordeelden met een totale straf van maximaal 3 jaar.

Om de strafuitvoeringsrechtbank toe te laten sneller modaliteiten toe te kennen, wordt de bestaande noodwet aangepast zodat de SUR zich kan baseren op enkel:

  • het advies van de directeur,
  • het sociaal onderzoek (indien van toepassing),
  • het advies van het openbaar ministerie.

Voor veroordeelden zonder verblijfsrecht wordt artikel 20/1 van de Wet op het Extern Juridisch Statuut (EJS/LSE) gewijzigd zodat vrijwillige terugkeer al 12 maanden vóór het einde van de straf kan worden voorbereid (in plaats van 6 maanden).
Er wordt sterker ingezet op interstatelijke overdrachten en uitzetting naar het land van herkomst.


➤ Korte‑termijnmaatregelen – personeel

Het akkoord voorziet als doelstelling een volledige en duurzame personeelsbezetting.

  • Selectie- en aanwervingsprocedures worden geoptimaliseerd om meer kandidaten aan te trekken en het proces te versnellen.
  • De interne rekruteringscapaciteit wordt prioritair versterkt.
  • De toegang van EU‑burgers tot de aanwervingsprocedure voor de functie van penitentiair bewakingsassistent wordt versneld.
  • In snelle procedures kunnen rekruteringsreserves worden aangelegd en kan men al aanwerven vóór het medisch onderzoek, om tijd te winnen.

➤ Extra capaciteit

Er wordt voorzien in een uitbreiding en optimalisering van de bestaande capaciteit.

  • Meer plaatsen worden gecreëerd in gesloten centra.
  • Voor geïnterneerden komen er extra plaatsen in forensisch-psychiatrische centra (FPC/CPL) en in medisch-forensische zorgcentra.
  • Masterplan IV (in voorbereiding) voorziet in een structureel schema voor de totale detentiecapaciteit en beoogt menswaardige detentieomstandigheden.

➤ Voorlopige hechtenis

Er worden hervormingen voorbereid inzake voorlopige hechtenis.

  • De commissie Overbevolking finaliseert een advies over een mogelijke hervorming van de voorlopige hechtenis. Daarna wordt bekeken welke maatregelen kunnen worden uitgevoerd om de duur van de voorlopige hechtenis te verkorten.
  • Er wordt onderzocht of en hoe zittingen van de raadkamer en de kamer van inbeschuldigingstelling via videoconferentie kunnen plaatsvinden. Dit moet verplaatsingen beperken, de werkdruk verlagen en procedures versnellen.

dinsdag 31 maart 2026

Liberties Rule of Law Report 2026


Bron

Het Liberties Rule of Law Report 2026 biedt een kritische analyse van de rechtsstaat binnen de Europese Unie gedurende het jaar 2025. De publicatie, opgesteld door circa veertig mensenrechtenorganisaties, signaleert een zorgwekkende trend van stagnatie en achteruitgang in de meeste lidstaten. Het rapport onderzoekt vier centrale pijlers: de onafhankelijkheid van het rechtssysteem, corruptiebestrijding, mediavrijheid en de democratische controlemechanismen. Volgens de auteurs negeren veel regeringen de aanbevelingen van de Europese Commissie, terwijl de EU-instituties zelf ook onder vuur liggen vanwege ondoorzichtige wetgevingsprocedures. De bron concludeert dat de huidige instrumenten tekortschieten om de erosie van democratische waarden effectief te stoppen.

In het rapport wordt de staat van de rechtsstaat in België beoordeeld als een "Slider" (afglijdend). Er wordt gewaarschuwd dat politieke beslissingen fundamentele rechten verzwakken en dat er sprake is van achteruitgang (regressie) op verschillende cruciale gebieden.



Mag uw ex-werkgever uw professionele mailbox inkijken na uw vertrek?

Mag uw ex-werkgever uw professionele mailbox inkijken na uw vertrek?

bron en volledig juridische analyse: https://www.ictrechtswijzer.be/mag-uw-ex-werkgever-uw-mailbox-bewaren-na-uw-vertrek/



De beëindiging van een arbeids- of managementrelatie roept vaak praktische vragen op, zeker in een digitaal tijdperk. Een van de meest voorkomende en heikele punten is het beheer van de professionele mailbox van de vertrokken persoon. Recente beslissingen van de Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA) scheppen duidelijkheid: een werkgever mag de mailbox niet onbeperkt actief houden en de inhoud ervan is geen vrij toegankelijk bedrijfsarchief.



vrijdag 13 februari 2026

Online harassement en de grens met drukpersmisdrijven

Bron


𝐎𝐧𝐥𝐢𝐧𝐞 𝐡𝐚𝐫𝐚𝐬𝐬𝐦𝐞𝐧𝐭 𝐞𝐧 𝐝𝐞 𝐠𝐫𝐞𝐧𝐬 𝐦𝐞𝐭 𝐝𝐫𝐮𝐤𝐩𝐞𝐫𝐬𝐦𝐢𝐬𝐝𝐫𝐢𝐣𝐯𝐞𝐧

⚖️ 𝐇𝐨𝐟 𝐯𝐚𝐧 𝐂𝐚𝐬𝐬𝐚𝐭𝐢𝐞: 𝐎𝐧𝐥𝐢𝐧𝐞 𝐛𝐞𝐥𝐚𝐠𝐢𝐧𝐠 𝐢𝐬 𝐠𝐞𝐞𝐧 𝐯𝐫𝐢𝐣𝐞 𝐦𝐞𝐧𝐢𝐧𝐠𝐬𝐮𝐢𝐭𝐢𝐧𝐠

In een arrest van 11 februari 2026 heeft het 𝐇𝐨𝐟 𝐯𝐚𝐧 𝐂𝐚𝐬𝐬𝐚𝐭𝐢𝐞 een belangrijke grens getrokken tussen cyberpesten en drukpersmisdrijven. De uitspraak schept duidelijkheid over wanneer online berichten onder de bevoegdheid van de correctionele rechtbank vallen en wanneer niet.

📉 𝐃𝐞 𝐂𝐚𝐬𝐮𝐬 Een beklaagde werd vervolgd voor belaging via elektronische communicatiemiddelen (Facebook en Messenger). Het Hof van Beroep in Luik oordeelde eerder dat het onbevoegd was. De redenering? De berichten waren openbaar gemaakt op sociale media en bevatten een "mening". Volgens het Hof van Beroep ging het dus om een 𝐝𝐫𝐮𝐤𝐩𝐞𝐫𝐬𝐦𝐢𝐬𝐝𝐫𝐢𝐣𝐟 (art. 150 Grondwet), wat de exclusieve bevoegdheid van het Hof van Assisen zou betekenen.

🏛️ 𝐇𝐞𝐭 𝐎𝐨𝐫𝐝𝐞𝐞𝐥 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐇𝐨𝐟 Het Hof van Cassatie veegt deze redenering van tafel en vernietigt het arrest.

Het Hof stelt duidelijk dat een drukpersmisdrijf de uiting van een gedachte of mening vereist. Er is echter een cruciaal onderscheid:

𝟏. 𝐇𝐞𝐭 𝐢𝐧𝐬𝐭𝐫𝐮𝐦𝐞𝐧𝐭 𝐯𝐬. 𝐝𝐞 𝐦𝐞𝐧𝐢𝐧𝐠: Wanneer iemand online een foto plaatst, kritiek uit of woede ventileert 𝐥𝐨𝐮𝐭𝐞𝐫 𝐨𝐦 𝐢𝐞𝐦𝐚𝐧𝐝𝐬 𝐫𝐮𝐬𝐭 𝐭𝐞 𝐯𝐞𝐫𝐬𝐭𝐨𝐫𝐞𝐧 (belaging), is dit geen uiting van een mening in de zin van de Grondwet.

𝟐. 𝐆𝐞𝐞𝐧 𝐢𝐦𝐦𝐮𝐧𝐢𝐭𝐞𝐢𝐭 𝐯𝐨𝐨𝐫 𝐩𝐞𝐬𝐭𝐞𝐫𝐬: Als de vervolging zich richt op het gebruik van sociale media om te treiteren (via fake accounts, dreigementen, ongewenste berichten), en niet op de inhoud van de opinie an sich, is de correctionele rechter gewoon bevoegd.

📝 𝐂𝐨𝐧𝐜𝐥𝐮𝐬𝐢𝐞 Het label "drukpersmisdrijf" kan niet gebruikt worden als schild voor online pesterijen. Wie sociale media inzet als wapen om te belagen, hoort thuis voor de correctionele rechtbank, niet voor een volksjury.

🔗 Lees het volledige arrest hier: https://hofvancassatie.be/pdf/arresten-arrets/P.25.1346.F.pdf

#Rechtspraak #Cassatie #Cyberpesten #Strafrecht #SocialMediaLaw #JuridischNieuws

"Mag ik door AI gemanipuleerde beelden verspreiden?" - ICTR


Bron

"𝗠𝗮𝗴 𝗶𝗸 𝗱𝗼𝗼𝗿 𝗔𝗜 𝗴𝗲𝗺𝗮𝗻𝗶𝗽𝘂𝗹𝗲𝗲𝗿𝗱𝗲 𝗯𝗲𝗲𝗹𝗱𝗲𝗻 𝘃𝗲𝗿𝘀𝗽𝗿𝗲𝗶𝗱𝗲𝗻?"


⚖️ 𝗔𝗜, 𝗖𝗮𝗿𝘁𝗼𝗼𝗻𝘀 & 𝗣𝗼𝗿𝘁𝗿𝗲𝘁𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁: 𝗠𝗮𝗴 𝗱𝗮𝘁 𝘇𝗼𝗺𝗮𝗮𝗿?

Het lijkt onschuldig: je pakt een foto van een bekende politicus of ster van het internet, laat er een AI-tool op los en post het resultaat als grappige cartoon. Maar pas op, 𝗷𝘂𝗿𝗶𝗱𝗶𝘀𝗰𝗵 𝗶𝘀 𝗱𝗶𝘁 𝗴𝗹𝗮𝗱 𝗶𝗷𝘀.

Veel mensen denken dat publieke figuren "vogelvrij" zijn omdat hun foto's overal te vinden zijn. Dat is een misvatting. Hier zijn de juridische feiten op een rij:

🚫 𝗢𝗽𝗲𝗻𝗯𝗮𝗮𝗿 ≠ 𝗩𝗿𝗶𝗷 𝘁𝗲 𝗴𝗲𝗯𝗿𝘂𝗶𝗸𝗲𝗻
Dat foto’s van een publiek figuur op Google staan, betekent 𝗻𝗶𝗲𝘁 dat je ze mag gebruiken om nieuwe content te genereren. Het 𝗥𝗲𝗰𝗵𝘁 𝗼𝗽 𝗮𝗳𝗯𝗲𝗲𝗹𝗱𝗶𝗻𝗴 (en de GDPR) blijft gelden. Iedereen behoudt in principe de controle over beelden waarop zij staan.

🤖 𝗛𝗲𝗿𝗸𝗲𝗻𝗯𝗮𝗮𝗿𝗵𝗲𝗶𝗱 𝗶𝘀 𝗱𝗲 𝘀𝗹𝗲𝘂𝘁𝗲𝗹
Volgens recente rechtspraak (zoals het Max Verstappen-arrest) kan zelfs een lookalike of een karikatuur een inbreuk op het 𝗽𝗼𝗿𝘁𝗿𝗲𝘁𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁 zijn. Als de AI-cartoon duidelijk herkenbaar is als die specifieke persoon, geldt het portretrecht onverminderd.

💰 𝗛𝗲𝘁 '𝗥𝗲𝗱𝗲𝗹𝗶𝗷𝗸 𝗕𝗲𝗹𝗮𝗻𝗴'
Openbare personen hebben vaak een verzilverbare populariteit. Als jij die cartoon commercieel inzet (bijvoorbeeld in een advertentie of voor je eigen branding), hebben zij een 𝗿𝗲𝗱𝗲𝗹𝗶𝗷𝗸 𝗯𝗲𝗹𝗮𝗻𝗴 om zich hiertegen te verzetten en schadevergoeding te eisen.

🎭 𝗣𝗮𝗿𝗼𝗱𝗶𝗲 𝗶𝘀 𝗴𝗲𝗲𝗻 𝘃𝗿𝗶𝗷𝗯𝗿𝗶𝗲𝗳
"Het is maar satire!" is niet altijd een geldig verweer. De parodie-uitzondering in de Auteurswet is strikt:

Er mag geen verwarring ontstaan.

Het mag niet louter commercieel zijn.

Het mag niet discriminerend zijn.

Bovendien dekt de parodie-uitzondering vaak wel het auteursrecht, maar heft het 𝗻𝗶𝗲𝘁 automatisch het portretrecht op.


💡 𝗖𝗼𝗻𝗰𝗹𝘂𝘀𝗶𝗲
Wil je op safe spelen? Vraag 𝘁𝗼𝗲𝘀𝘁𝗲𝗺𝗺𝗶𝗻𝗴 of wees uiterst terughoudend. Het genereren van een AI-prentje is zo gebeurd, maar een procedure over portretrechten duurt een stuk langer.

Lees de volledige analyse hier: https://www.ictrechtswijzer.be/mag-ik-door-ai-gemanipuleerde-beelden-verspreiden/

vrijdag 30 januari 2026

De gevangenis in 2026: terug van nooit weggeweest- Tom Daems

Bron

📌 

2025 eindigde met een ongeziene gevangeniscrisis: recordaantallen grondslapers, overvolle cellen en een brede maatschappelijke verontwaardiging. Ondanks hoorzittingen, extra budget en een noodwet blijft een echte oplossing uit. De Penitentiaire Beleidsraad spreekt zelfs van een “humanitaire ramp”.

De federale regering blijft intussen inzetten op méér opsluiting: strengere straffen, uitbreiding van detentiemaatregelen en een beleid dat de gevangenis opnieuw centraal plaatst als afschrikking. Adviesorganen die pleiten voor structurele maatregelen — zoals verruimde invrijheidstelling, automatische strafvermindering of een moratorium op nieuwe vrijheidsbeperkende wetten — worden grotendeels genegeerd.

Het resultaat is een normalisering van onmenswaardige omstandigheden. De vraag is dan ook niet alleen of de gevangenissen overvol zijn, maar of we niet te veel blijven geloven in opsluiting als standaardantwoord op maatschappelijke problemen.

woensdag 28 januari 2026

Beleidsnota Justitie 2026

Bron

Inleiding

Het beleid is opgebouwd rond drie grote werven met als doel een efficiëntere, rechtvaardige organisatie die dichter bij de samenleving staat. De focus ligt op een slachtoffergerichte justitie, veiligheid als basis van de rechtsstaat en een humaan detentiebeleid gericht op re-integratie.


WERF 1: Een toegankelijke, moderne Justitie voor elke burger

Deze werf draait om de dienstverlening aan de burger, waarbij zowel slachtoffers als rechtzoekenden centraal staan.

1.1 Slachtoffers centraal

  • Communicatie: Justitie wil beter communiceren met slachtoffers, zodat zij tijdig informatie krijgen over hun dossier en niet via de media moeten vernemen dat een dader vrijkomt. Er wordt gestreefd naar een strategie waarbij slachtoffers meer zeggenschap hebben over hoe en wanneer ze gecontacteerd worden.
  • Onthaal: In gerechtsgebouwen worden speciaal uitgeruste ruimtes ingericht waar slachtoffers zich veilig en welkom voelen.
  • Rechten: Het plan is om slachtoffers in principe automatisch het statuut van 'benadeelde persoon' toe te kennen (met een opt-out mogelijkheid), zodat zij niet zelf initiatief moeten nemen om geïnformeerd te blijven. Er komt betere juridische bijstand voor slachtoffers van seksueel en intrafamiliaal geweld.
  • Terrorisme: Voor slachtoffers van terreur wordt de commissie voor Financiële Hulp versterkt met coaches en één uniek loket (SPOC's) om hen te begeleiden bij alle administratieve en praktische gevolgen,.
  • Digitaal: Er komt een digitaal slachtofferportaal op Just-on-web en een digitale slachtofferfiche om informatie-uitwisseling te verbeteren.

dinsdag 27 januari 2026

België 2026: Waar we mensenrechten 'onzin' vinden en sadisme 'gerechtigheid'

België 2026: Waar we mensenrechten 'onzin' vinden en sadisme 'gerechtigheid'

Wanneer de onderbuik regeert, sterft de rechtsstaat: Een antwoord op de toejuiching van foltering

"Als je een omaatje hebt overvallen, verdien je het om met z’n drieën op cel met je kop bij de wc-pot te slapen."

Het werd gisteren zonder blikken of blozen uitgesproken bij de Tafel van Gert. Een mening als een ander, zo leek het. Een oneliner die waarschijnlijk instemmend geknik oogstte in menig huiskamer. Maar laten we deze uitspraak eens bekijken voor wat ze werkelijk is: het failliet van onze beschaving en een oorverdovend bewijs van totale onwetendheid over wat er zich achter onze gevangenismuren afspeelt.

Wie dergelijke uitspraken doet, reduceert justitie tot wraak en detentie tot sadisme. Het getuigt van een schrijnend gebrek aan kennis over wie er in onze cellen zit en onder welke omstandigheden.

De realiteit achter de tralies

Laten we het romantische beeld van de "luxegevangenis" maar meteen doorprikken. De realiteit in de Belgische gevangenissen is er één van middeleeuwse ellende. Cellen van amper negen vierkante meter, ontworpen voor één persoon, waar nu drie mannen in worden gepropt. Dat betekent: matrassen op de grond, struikelen over elkaars ledematen en, inderdaad, slapen met het hoofd naast een open toiletpot waar twee celgenoten hun behoefte moeten doen.

Dit is geen ongemak. Dit is, volgens elke internationale norm en volgens het Europees Comité voor de Preventie van Foltering (CPT), een schending van artikel 3 van het EVRM: het verbod op onmenselijke en vernederende behandeling. Kortom: foltering. In eigen land.

Onschuldig tot het tegendeel bewezen is?

De dame op televisie gaat er gemakshalve vanuit dat iedereen in de cel een veroordeelde misdadiger is. Ze vergeet – of weet niet – dat onze gevangenissen uitpuilen van de mensen in voorhechtenis. Mensen die verdacht worden, maar nog niet veroordeeld zijn. In ons land geldt het vermoeden van onschuld, maar in de praktijk worden deze mensen onderworpen aan dezelfde mensonterende omstandigheden als zware criminelen.

U, ik, of uw buurman kan morgen door een samenloop van omstandigheden in zo'n cel belanden, wachtend op een onderzoek. Verdient u het dan ook om 23 van de 24 uur opgesloten te zitten in uw eigen uitwerpselen?

Een fabriek voor recidive

Bovendien getuigt de uitspraak van een totale kortzichtigheid over veiligheid. Opsluiting heeft als doel de maatschappij te beschermen én re-integratie mogelijk te maken. Maar wat gebeurt er als je mensen 23 uur per dag opsluit zonder werk, zonder opleiding, zonder perspectief en zonder menselijke waardigheid? Je creëert geen betere mensen. Je creëert wrakken, vol wrok en agressie.

Wie mensen behandelt als beesten, moet niet verbaasd zijn als ze als beesten terugkeren in de samenleving. De dame die "wraak" eist, organiseert met haar instemming haar eigen onveiligheid van morgen.

Het oorverdovende stilzwijgen

Dat een burger uit emotie of onwetendheid zulke dingen roept, is tot daaraan toe. Veel erger is dat de politiek zich in dit stilzwijgen blijft hullen. Europa tikt België keer op keer op de vingers. De dwangsommen stapelen zich op. Rechters weigeren soms nog mensen uit te leveren aan België vanwege de mensonterende omstandigheden. En toch verandert er niets structureels.

Waarom?

Omdat gevangenen geen kiezers zijn. Omdat populisme makkelijker scoort dan nuance. Omdat politici weten dat de publieke opinie, gevoed door dit soort tv-uitspraken, geen moer geeft om mensenrechten zolang het "de anderen" betreft.

Zover zijn we gekomen. We leven in een land waar foltering niet alleen gedoogd wordt door de overheid, maar toegejuicht wordt op televisie.

Dat is geen rechtvaardigheid. Dat is een beschamend moreel bankroet.

Behoudens advocaat Walter Damen, die alles probeerde uit te leggen en zoveel onzin tegen te spreken, was er niemand die reageerde. Ik had minstens van de moderator wat anders verwacht, maar nee.

Vrijheid van mening, natuurlijk, maar zoveel ongenuanceerde onzin ventileren zonder enige kennis van zaken, ik heb er echt geen woorden voor — behalve dat het pijnlijk aantoont hoe diep onze morele lat is gezakt wanneer we barbarij verwarren met gerechtigheid.

zondag 18 januari 2026

Rechtbank Noord‑Nederland trekt duidelijke lijn tegen online haat (KG 18‑12‑2025)

Bron

🔍 Rechtbank Noord‑Nederland trekt duidelijke lijn tegen online haat (KG 18‑12‑2025)


De recente uitspraak ECLI:NL:RBNNE:2025:5704 laat opnieuw zien hoe urgent het is om jongeren te beschermen tegen de escalatie van online conflicten.


Wat begon als digitale ruzie via Snapchat, eindigde in bedreigingen, grove beledigingen en zelfs fysiek geweld. De voorzieningenrechter grijpt stevig in en legt een tweejarig contactverbod op, met een dwangsom van €250 per overtreding.

zaterdag 17 januari 2026

Omzendbrief van 16/01/2026 betreffende de wijziging van artikel 34 van het koninklijk besluit van 11 juli 2002 houdende het algemeen reglement inzake het recht op maatschappelijke integratie

BRON

Hieronder volgt een gedetailleerde uitleg van de nieuwe regelgeving rond het recht op maatschappelijke integratie via een vraag-en-antwoordsessie, gebaseerd op de verstrekte bronnen.

Wat is de kern van de nieuwe wijziging in Artikel 34?

De belangrijkste verandering is de uitbreiding van de groep personen van wie de bestaansmiddelen (inkomsten) worden meegeteld bij de berekening van het leefloon van een aanvrager die samenwoont. Voorheen werd er naast de partner enkel gekeken naar bloedverwanten in de eerste graad, maar de nieuwe tekst bepaalt dat de inkomsten van alle samenwonende onderhoudsplichtigen in aanmerking worden genomen.

vrijdag 16 januari 2026

𝗨𝗶𝘁𝘀𝗽𝗿𝗮𝗮𝗸 𝗕𝗲𝗿𝗼𝗲𝗽𝘀𝗰𝗼𝗺𝗺𝗶𝘀𝘀𝗶𝗲: 𝗘𝗲𝗻 𝘀𝘁𝗿𝗮𝗳𝗰𝗲𝗹 𝗶𝘀 𝗴𝗲𝗲𝗻 𝗼𝗽𝗹𝗼𝘀𝘀𝗶𝗻𝗴 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝗼𝘃𝗲𝗿𝗯𝗲𝘃𝗼𝗹𝗸𝗶𝗻𝗴!

Bron

𝗗𝗶𝘁 𝗶𝘀 𝘄𝗮𝘁 𝗲𝗿 𝗴𝗲𝗯𝗲𝘂𝗿𝗱 𝘄𝗮𝗻𝗻𝗲𝗲𝗿 𝗱𝗲 𝗿𝗲𝗴𝗲𝗿𝗶𝗻𝗴 𝗴𝗲𝗲𝗻 𝗺𝗮𝗮𝘁𝗿𝗲𝗴𝗲𝗹𝗲𝗻 𝗻𝗲𝗲𝗺𝘁 𝘁𝗲𝗴𝗲𝗻 𝗱𝗲 𝗼𝘃𝗲𝗿𝗯𝗲𝘃𝗼𝗹𝗸𝗶𝗻𝗴 𝗶𝗻 𝗱𝗲 𝗴𝗲𝘃𝗮𝗻𝗴𝗲𝗻𝗶𝘀𝘀𝗲𝗻. 𝗦𝗰𝗵𝗮𝗮𝗺𝘁𝗲𝗹𝗼𝗼𝘀! 𝗗𝗮𝗮𝗿 𝘇𝗶𝗷𝗻 𝗴𝗲𝗲𝗻 𝘄𝗼𝗼𝗿𝗱𝗲𝗻 𝘃𝗼𝗼𝗿!


⚖️ 𝗨𝗶𝘁𝘀𝗽𝗿𝗮𝗮𝗸 𝗕𝗲𝗿𝗼𝗲𝗽𝘀𝗰𝗼𝗺𝗺𝗶𝘀𝘀𝗶𝗲: 𝗘𝗲𝗻 𝘀𝘁𝗿𝗮𝗳𝗰𝗲𝗹 𝗶𝘀 𝗴𝗲𝗲𝗻 𝗼𝗽𝗹𝗼𝘀𝘀𝗶𝗻𝗴 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝗼𝘃𝗲𝗿𝗯𝗲𝘃𝗼𝗹𝗸𝗶𝗻𝗴!


De 𝗕𝗲𝗿𝗼𝗲𝗽𝘀𝗰𝗼𝗺𝗺𝗶𝘀𝘀𝗶𝗲 heeft onlangs een belangrijke beslissing genomen in de zaak 𝗖𝗔/𝟮𝟱-𝟬𝟯𝟱𝟭 over de rechten van gedetineerden bij overbevolking.

donderdag 15 januari 2026

Versturen van digitale nieuwsbrieven onder de ePrivacy-richtlijn en de AVG

Bron

📢 NIEUWS OVER JE INBOX! 📧

Heb jij je wel eens afgevraagd waarom je ineens nieuwsbrieven krijgt nadat je ergens een gratis account hebt aangemaakt, zonder dat je daar een "ja-vinkje" voor hebt gezet? De hoogste Europese rechter heeft hier nu een belangrijke uitspraak over gedaan! ⚖️🇪🇺

Wat was er aan de hand? 🤔 Een Roemeense website voor juridisch nieuws liet lezers een gratis account aanmaken om meer artikelen te kunnen lezen. Bij dat account kreeg je automatisch een dagelijkse nieuwsbrief in je mailbox. De Roemeense privacytoezichthouder gaf het bedrijf een boete, omdat ze vonden dat mensen vooraf expliciet "ja" hadden moeten klikken (een opt-in) volgens de AVG-regels.

zondag 4 januari 2026

Arrest Danilet tegen Roemenië - vrijheid van meningsuiting rechters

Bron

Arrest van de Grote Kamer van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in de zaak Danileţ tegen Roemenië

Het geschil draait om een Roemeense rechter die tuchtrechtelijk werd gesanctioneerd voor twee Facebook-berichten, waarin hij zich kritisch uitliet over de politiek en de rechterlijke macht prees. Het Hof onderzoekt of deze straf een gerechtvaardigde inbreuk vormde op zijn vrijheid van meningsuiting of dat de nationale autoriteiten zijn recht op publiek debat hebben geschonden. In de tekst worden belangrijke criteria geformuleerd voor de balans tussen de discretieplicht van magistraten en hun rol als burgers in een democratische samenleving. Daarnaast bevat het document uiteenlopende juridische standpunten en minderheidsadviezen over de grenzen van professionele ethiek op sociale media. De uiteindelijke uitspraak benadrukt dat sancties tegen rechters nauwgezet moeten worden getoetst om een afschrikwekkend effect op de onafhankelijkheid van de rechtspraak te voorkomen.

Het Hof hanteert een evenwichtsoefening tussen twee fundamentele belangen: enerzijds het recht op vrije meningsuiting (dat rechters ook hebben) en anderzijds de discretieplicht (de plicht tot terughoudendheid) om het vertrouwen van het publiek in de rechtspraak te beschermen.

Hieronder wordt uitgelegd wat wel en niet mag, en welke specifieke criteria het Hof gebruikt om dit te beoordelen.

De Basisprincipes: Waarop is dit gebaseerd?

De regels zijn gebaseerd op Artikel 10 van het EVRM (Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens).

  1. Het Recht: Iedereen, dus ook een rechter, heeft het recht om zijn mening te uiten.
  2. De Beperking: Omdat rechters een speciale rol vervullen, draagt hun vrijheid "plichten en verantwoordelijkheden" met zich mee. Hun vrijheid mag worden beperkt als dat nodig is om het "gezag en de onpartijdigheid van de rechterlijke macht te handhaven".

De 5 Criteria van het Hof

In de zaak Danileţ heeft de Grote Kamer van het Hof de regels voor rechters (vooral op sociale media) geconsolideerd in vijf specifieke criteria die nationale rechtbanken moeten toetsen,:

1. De inhoud en de vorm van de uitlatingen

  • Wat mag: Rechters mogen zich uitspreken over zaken van algemeen belang, vooral als het gaat om justitiële hervormingen of het functioneren van het rechtssysteem. Ook waardeoordelen ter verdediging van de democratische rechtsstaat vallen hieronder.
  • Wat mag niet: Beledigende, haatdragende of lasterlijke taal gebruiken. Het gebruik van onduidelijke taal kan problematisch zijn als het door het publiek verkeerd kan worden opgevat. Rechters moeten "nuchter en voorzichtig" zijn in hun toon.

2. De context en hoedanigheid

  • Wat mag: Als de rechtsstaat of democratie ernstig wordt bedreigd, hebben rechters niet alleen het recht, maar soms zelfs de plicht om zich uit te spreken.
  • Wat mag niet: Commentaar geven op lopende rechtszaken. Dit is strikt verboden om de eerlijkheid van het proces niet te beïnvloeden. Ook moet worden gekeken of de rechter sprak als privépersoon of in een officiële functie; rechters in hoge functies (zoals rechtbankpresidenten) hebben soms een ruimere bescherming als ze spreken namens de rechtspraak, maar "gewone" rechters mogen zich ook mengen in het debat.
  • Context: Er moet gekeken worden of de uitspraken gedaan werden tijdens een breed maatschappelijk debat of politieke controverse.

3. De gevolgen van de uitlatingen

  • Het Hof kijkt of de uitspraken daadwerkelijk schade hebben toegebracht aan het imago van de justitie.
  • Het enkele feit dat media erover berichten of dat er discussie ontstaat, betekent niet automatisch dat de rechterlijke macht is beschadigd.
  • Bij sociale media moet rekening worden gehouden met het bereik (openbaar vs. besloten) en de snelheid van verspreiding.

4. De zwaarte van de sanctie

  • Zelfs lichte sancties (zoals een kleine salariskorting) kunnen een probleem zijn.
  • Het Hof kijkt naar het "chilling effect" (afschrikkende werking): als een rechter wordt gestraft, durven andere rechters zich in de toekomst misschien niet meer uit te spreken over misstanden, wat slecht is voor de maatschappij.

5. De procedurele waarborgen

  • De rechter moet een eerlijk proces krijgen. De maatregel moet worden getoetst door een onafhankelijke en onpartijdige instantie.
  • De nationale autoriteiten moeten relevante en toereikende redenen geven voor de straf. Ze mogen niet zomaar zeggen dat iets "ongepast" is zonder uit te leggen waarom en hoe het de justitie schaadt.

Samenvattend: Wat mag wel en wat mag niet?

WAT MAG (Over het algemeen):

  • Deelnemen aan debatten over wetgeving, de rechtsstaat en de scheiding der machten.
  • Kritiek uiten op politieke invloed op justitie of het leger (zoals in de zaak Danileţ).
  • Steun betuigen aan collega's die protesteren tegen hervormingen die de onafhankelijkheid van de justitie bedreigen.
  • Gebruik maken van sociale media, mits met voorzichtigheid.
  • Een eigen mening hebben en uiten als burger, zolang dit de onpartijdigheid niet in gevaar brengt.

WAT MAG NIET:

  • Geheimhouding schenden: Informatie lekken uit dossiers.
  • Lopende zaken bespreken: Zich uitlaten over zaken die nog onder de hamer zijn of kunnen komen.
  • Partijdigheid tonen: Zich zo gedragen dat burgers kunnen denken dat de rechter niet meer neutraal is (bijv. politieke partijdigheid in specifieke geschillen).
  • Onwaardig gedrag: Taalgebruik dat "obsceen", "grof" of "beledigend" is en daardoor de waardigheid van het ambt aantast. Echter, het Hof oordeelde in deze zaak dat spreektaal (zoals "bloed in de aderen/ballen hebben") niet automatisch een tuchtstraf rechtvaardigt als niet wordt uitgelegd waarom dit zo ernstig is.

6. Welke sociale media worden bedoeld?

Hoewel de zaak Danileţ specifiek draaide om berichten op Facebook, maakt het Hof duidelijk dat de principes gelden voor het internet en sociale media in het algemeen.

In de documenten worden de volgende vormen expliciet of impliciet genoemd:

  • Sociale netwerken: Zoals Facebook, waar rechters een profiel hebben en berichten (posts) kunnen plaatsen.
  • Blogs: Rechters of populaire gebruikers worden hier soms gezien als "public watchdogs" (publieke waakhonden).
  • Berichtendiensten en besloten groepen: Het Hof maakt onderscheid tussen open netwerken en gesloten groepen (zoals WhatsApp-groepen of besloten fora), hoewel ook daar regels gelden.
  • Online nieuwswebsites: Het reageren op nieuwsartikelen of het delen van hyperlinks naar persartikelen valt hier ook onder.

7. Wat telt als een "meningsuiting" op sociale media?

Het Hof hanteert een zeer brede definitie. Het gaat niet alleen om lange juridische betogen. De gedragsregels zijn van toepassing op diverse uitingsvormen, waaronder:

  • Berichten en commentaren: Zelf geschreven teksten.
  • Foto's en video's: Beeldmateriaal kan ook de waardigheid van de rechtspraak aantasten.
  • Hyperlinks: Het delen van een link naar een artikel (zoals Danileţ deed) kan worden gezien als het onderschrijven van de inhoud van dat artikel.
  • "Likes" en interacties: Dit is een cruciaal detail. Het Hof stelt expliciet dat zelfs "loutere 'likes'" (het liken van een bericht van iemand anders) onder de toetsing vallen. Ook "kleine en terloopse acties" zoals het doorsturen van informatie tellen mee.
  • Vriendschappen: Het online "volgen" of "vrienden worden" met bepaalde personen (bijv. advocaten of partijen in een zaak) kan de schijn van partijdigheid wekken.

8. Specifieke risico's en regels voor sociale media

Het Hof en de aangehaalde richtlijnen benadrukken dat sociale media andere risico's met zich meebrengen dan de traditionele media (zoals een kranteninterview).

A. Het bereik en het "Influencer"-effect

  • Groot bereik: De rechter in deze zaak had 50.000 volgers. Het Hof oordeelde dat hij zich daarmee opstelde als een soort "influencer". Rechters mogen sociale media niet gebruiken op een manier die de integriteit van de rechtspraak aantast door zich als influencer te gedragen.
  • Publiek karakter: Een profiel dat openbaar toegankelijk is voor iedereen, wordt gezien als een publieke ruimte (vergelijkbaar met een plein). Rechters moeten zich realiseren dat hun berichten door een onbepaald aantal mensen gelezen kunnen worden.

B. Taalgebruik en Toon

  • Op sociale media is de toon vaak informeler. Dit is een valkuil voor rechters. In deze zaak gebruikte de rechter de uitdrukking "sânge în instalaţie" (wat vertaald kan worden als "bloed in de aderen" of grover als "ballen hebben").
  • Hoewel het Hof uiteindelijk oordeelde dat dit specifieke taalgebruik in zijn context toelaatbaar was, werd benadrukt dat rechters zich "omzichtig en professioneel" moeten uitdrukken en grove taal moeten vermijden, omdat dit snel de waardigheid van het ambt kan aantasten.

C. Privacy en Pseudoniemen

  • Geen schuilplaats: Het gebruik van een pseudoniem (schuilnaam) beschermt een rechter niet tegen tuchtrechtelijke straffen als men zich onethisch gedraagt.
  • Open vs. Gesloten: Het Hof maakt een onderscheid bij de beoordeling van de strafmaat. Een bericht in een besloten groep voor familie en vrienden wordt anders beoordeeld dan een bericht op een openbaar profiel. Echter, rechters moeten zich ervan bewust zijn dat ook berichten in besloten kring (bijv. screenshots) naar buiten kunnen lekken en permanent online kunnen blijven staan.

Samenvattend: De "Like"-regel

Een belangrijk detail om te onthouden is dat zelfs een "like" op een controversieel bericht van iemand anders door de tuchtrechter kan worden gezien als een schending van de discretieplicht. Het Hof stelt dat rechters bij elke interactie (post, comment, like) moeten nadenken over de impact op de waardigheid van de rechtspraak.