Printvriendelijk afdrukken

dinsdag 25 augustus 2026

De zaak-Osman Kavala: Waarom een Turkse rechtszaak de fundamenten van onze vrijheid raakt - AI

Bron

De zaak-Osman Kavala: Waarom een Turkse rechtszaak de fundamenten van onze vrijheid raakt

Stel je voor: je zet je in voor een mooier park in de stad, organiseert culturele projecten en praat met internationale organisaties over mensenrechten. En plotseling word je gearresteerd, beschuldigd van een poging om de regering omver te werpen, en veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf zonder dat je ooit nog een kans hebt om vrij te komen.

Dit is geen scenario uit een dystopische film, maar de harde realiteit van Osman Kavala, een Turkse ondernemer en mensenrechtenactivist. Zijn zaak ligt op het bord van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg. In deze analyse leggen we in begrijpelijke taal uit wat er precies is gebeurd, waarom het proces een schijnvertoning was en waarom dit vonnis van het EHRM (van 25 augustus 2026) een cruciale waarschuwing is voor ons allemaal.


Wie is Osman Kavala en wat is de achtergrond?

Osman Kavala is een gerespecteerde Turkse zakenman die zijn leven en vermogen heeft gewijd aan maatschappelijke organisaties (ngo's). Hij hield zich bezig met cultuur, milieubescherming en vreedzame dialoog.

Sinds 18 oktober 2017 zit hij onafgebroken vast – dat is inmiddels al meer dan achteneenhalf jaar. De Turkse autoriteiten beschuldigden hem van twee grote feiten:

  1. Het organiseren en financieren van de vreedzame Gezi-parkprotesten in 2013 (een protest dat begon om een van de weinige groene parken in Istanbul te beschermen tegen de bouw van een winkelcentrum).
  2. Betrokkenheid bij de mislukte staatsgreep in Turkije in 2016.

De 'juridische draaimolen': Hoe Turkije de regels omzeilde

Het verloop van de rechtszaken tegen Kavala leest als een juridische thriller waarin de overheid steeds de spelregels aanpaste om hem binnen te houden:

  • De eerste tik op de vingers: Al in 2019 oordeelde het Europees Hof (EHRM) dat er geen enkel serieus bewijs tegen Kavala lag en dat hij onmiddellijk moest worden vrijgelaten. Turkije weigerde dit.
  • Vrijspraak... en direct weer handboeien: Op 18 februari 2020 sprak een Turkse rechtbank hem eindelijk vrij voor de Gezi-parkprotesten. Maar in plaats van dat hij naar huis mocht, werd hij diezelfde dag nog in zijn cel gehouden en direct opnieuw gearresteerd voor de staatsgreep van 2016 en 'spionage'.
  • De genadeklap: De eerdere vrijspraak werd later door een hogere rechter ongeldig verklaard. Op 25 april 2022 werd Kavala door de rechtbank in Istanbul alsnog veroordeeld tot verzwaarde levenslange gevangenisstraf voor de Gezi-parkprotesten. Hij werd wel vrijgesproken van spionage, maar de levenslange straf stond vast.

Waarom was dit geen eerlijk proces? (Artikel 6)

Het Europees Hof heeft gehakt gemaakt van de manier waarop Kavala is veroordeeld. Een eerlijk proces is de hoeksteen van de rechtsstaat, maar bij Kavala ging bijna alles mis wat er mis kon gaan:

  1. Geen bewijs, wel straf: De Turkse rechters konden op geen enkele manier aantonen dat Kavala persoonlijk geweld had gebruikt of daartoe had opgeroepen. Toch werd hij verantwoordelijk gehouden voor álle schade en geweld tijdens de protesten. Het Hof stelt dat er simpelweg geen logisch verband is aangetoond tussen zijn vreedzame acties en het geweld van derden.
  2. Getuigen negeren: De advocaten van Kavala vroegen om twee voormalige ministers te horen als getuigen om te bewijzen dat Kavala juist zocht naar dialoog en de-escalatie. De rechter weigerde dit simpelweg, met de standaard opmerking dat het "niets zou bijdragen".
  3. Rechters onder druk zetten: Toen de rechters Kavala in 2020 vrijspraken, opende de Turkse Hoge Raad voor de Magistratuur (CJP) direct een tuchtprocedure tegen hen. Dit stuurt een angstaanjagend signaal naar alle andere rechters in het land: als je deze man vrijspreekt, heeft dat gevolgen voor je eigen carrière.
  4. Partijdige rechters: Een van de rechters die Kavala uiteindelijk tot levenslang veroordeelde, bleek nauwe persoonlijke en politieke banden te hebben met de Turkse regeringspartij.

Het recht om van mening te verschillen (Artikel 10 & 11)

Mag je in een democratie nog vreedzaam protesteren? Volgens de Turkse rechter blijkbaar niet. Zij zagen de vreedzame cultuurprojecten, de vergaderingen en de oproepen van Kavala om geen traangas te gebruiken als "bewijs" van een complot om de regering omver te werpen.

Het EHRM stelt heel duidelijk: vreedzaam protesteren en opkomen voor mensenrechten zijn fundamentele rechten. Als een overheid vreedzame burgers strafrechtelijk gaat vervolgen voor geweld dat door anderen (raddraaiers) tijdens een protest wordt gepleegd, durft straks niemand meer de straat op. Dat heeft een verlammend effect op de hele maatschappij.


De harde conclusies van het Europees Hof

Het definitieve vonnis van de Grote Kamer van het EHRM (met een overweldigende meerderheid van 15 tegen 2 rechters) laat geen spaan heel van het Turkse optreden:

  • Het doel was wraak en stilte (Artikel 18): De vervolging en opsluiting van Kavala had geen juridisch doel, maar een politiek doel. De regering wilde hem persoonlijk straffen voor zijn kritische geluid en de rest van de Turkse maatschappij angst aanjagen .
  • Onmenselijke straf (Artikel 3): De verzwaarde levenslange gevangenisstraf die Kavala kreeg, kent in Turkije geen enkele mogelijkheid tot vervroegde vrijlating of herbeoordeling. Je sterft letterlijk in de cel. Het Hof oordeelt dat zo'n 'uitzichtloze' straf inhumaan en in strijd met de mensenrechten is.
  • Geen 'eerlijk proces' maar een schijnvertoning: Omdat het proces zo fundamenteel oneerlijk was, spreekt het Hof van een "flagrant déni de justice" (een aperte ontkenning van recht). Zijn gevangenschap is daardoor volledig onwettig.

Waarom gaat dit ons allemaal aan?

De zaak-Kavala is uitgegroeid tot hét symbool van de afbrokkelende rechtsstaat in Turkije. Als rechtbanken niet meer onafhankelijk zijn, maar handelen op basis van politieke instructies of angst voor tuchtstraffen, is geen enkele burger meer veilig.

Het EHRM heeft Turkije dan ook de dwingende opdracht gegeven om Osman Kavala onmiddellijk vrij te laten en zijn veroordeling volledig te schrappen. Daarnaast moet Turkije hem 70.000 euro schadevergoeding betalen.

Dit vonnis herinnert ons eraan dat mensenrechten en een onafhankelijke rechterlijke macht geen abstracte luxe zijn, maar de enige bescherming die we hebben tegen de willekeur van de machthebbers.



vrijdag 21 augustus 2026

𝗣𝗿𝗼𝘁𝗼𝗻 𝗹𝗮𝗮𝘁 𝘇𝗶𝗲𝗻 𝘄𝗮𝘁 𝗖𝗵𝗮𝘁𝗚𝗣𝗧 𝗲𝗻 𝗖𝗹𝗮𝘂𝗱𝗲 𝗼𝘃𝗲𝗿 𝗴𝗲𝗯𝗿𝘂𝗶𝗸𝗲𝗿𝘀 𝘄𝗲𝘁𝗲𝗻.

 𝗕𝗘𝗟𝗔𝗡𝗚𝗥𝗜𝗝𝗞

𝗣𝗿𝗼𝘁𝗼𝗻 𝗹𝗮𝗮𝘁 𝘇𝗶𝗲𝗻 𝘄𝗮𝘁 𝗖𝗵𝗮𝘁𝗚𝗣𝗧 𝗲𝗻 𝗖𝗹𝗮𝘂𝗱𝗲 𝗼𝘃𝗲𝗿 𝗴𝗲𝗯𝗿𝘂𝗶𝗸𝗲𝗿𝘀 𝘄𝗲𝘁𝗲𝗻.

Het op privacy gerichte techplatform Proton heeft een tool gemaakt waarmee gebruikers kunnen zien welke informatie ChatGPT en Claude over hen verzamelen. Gebruikers kunnen hun gebruikersdata uploaden naar Protons AI-model Lumo, dat dan inzicht geeft over hoe de grote AI-modellen over hen denken.

Lees het artikel eerst: https://lnkd.in/ejH2XsXs

U kan de tool hier raadplegen: https://lnkd.in/evATkRpq

Als u op genereren klikt, kan u kiezen tussen chatgpt een claude. Er wordt ook telkens uitgelegd hoe u de gegevens van chatgpt of claude moet exporteren.

Het rapport kan u na een tijdje zien en wordt automatisch verwijderd (zegt men).

U zou wel eens kunnen verschieten wat er allemaal al instaat.

Het is mij ook niet duidelijk of u kan verhinderen dat gegevens over u worden verzameld.

Wat zegt AI hier over?

Anthropic (de maker van Claude) verzamelt standaard gegevens over uw gebruik, en er zijn verschillende instellingen die u kunt aanpassen om dit te beperken. Het volledig "uitschakelen" van alle gegevensverzameling is niet mogelijk, maar u heeft wel controle over de belangrijkste punten: het gebruik van uw gesprekken voor modeltraining, chatgeschiedenis, en cookies/tracking.

Advocaat worden - waaraan moet je denken

 

Bron: https://www.ordevanvlaamsebalies.be/nl/fetch-asset?path=ovb/Documenten/Stage-en-Opleiding/Checklist-stagiair-2.pdf

 

Checklist voor stagiairs

Proficiat, je hebt je diploma rechten op zak! Maar hoe maak je nu de sprong naar de balie en word je officieel advocaat? Het traject lijkt op het eerste gezicht complex (stage, eedaflegging, beroepsopleiding, sociale zekerheid, btw…) maar met een helder overzicht raak je er vlot door.

In deze checklist vind je stap voor stap wat je moet doen: van het vinden van een stageplaats tot de inschrijving bij de KBO, en van je eerste toga tot het behalen van je BUBA. Zo weet je precies wat er praktisch op je afkomt en hoe je je goed voorbereidt op een succesvolle start als advocaat.

 

Uploaded Image

 

 


'Er is wél een toekomst voor onze juristen': professoren geloven niet in de dominantie van AI in de rechtenwereld - samenvatting AI

Professoren van de KU Leuven betwisten de stelling dat AI de juristenwereld zal domineren en beginnende juristen overbodig zal maken. AI zal saaie, repetitieve taken overnemen, waardoor het beroep juist interessanter wordt en de academische vorming cruciaal blijft.

Publicatiedatum

20 augustus 2026

Auteur

Kimberly Vrancken 



Bron

https://www.veto.be/onderwijs/er-is-wel-een-toekomst-voor-onze-juristen-professoren-geloven-niet-in-de-dominantie-van-ai-in-de-rechtenwereld/371593

 

'Er is wél een toekomst voor onze juristen': professoren geloven niet in de dominantie van AI in de rechtenwereld

woensdag 24 juni 2026

Het filmen van de politie en het online plaatsen van de beelden ervan - samenvattingen met AI

Advies Controlorgaan politie

Mag iedereen te allen tijde de politie filmen tijdens een interventie? Vaak wordt gedacht dat je alles en iedereen bij de politie zomaar mag filmen, simpelweg omdat er in België geen specifieke wet bestaat die dit uitdrukkelijk verbiedt. Dat is echter een misverstand.

  • ‘Niet uitdrukkelijk verboden’ betekent niet dat het altijd zonder meer is toegestaan.
  • Politieagenten zijn ook mensen. Zodra zij hun uniform aantrekken en op straat stappen, verliezen zij niet plots hun recht op privacy en de bescherming van hun persoonsgegevens (zoals vastgelegd in de Europese privacywetgeving of AVG).
  • Er moet dus altijd een afweging gemaakt worden tussen de vrijheid van de burger (om te filmen) en de privacy van de agent.

Is er een verschil tussen de beelden opslaan op je gsm en ze online plaatsen? Ja, er is een zeer groot juridisch verschil.

  • Voor jezelf: Maak je beelden voor puur persoonlijk of huishoudelijk gebruik (bijvoorbeeld omdat je een monument filmt en er toevallig een agent door het beeld loopt), dan valt dit meestal niet onder de strenge privacywetgeving.
  • Voor het internet: Zodra je een agent gericht filmt en die beelden deelt op sociale media zoals Facebook of YouTube, ben je actief persoonsgegevens aan het verspreiden. Vanaf dat moment heb je in principe een wettelijke basis nodig (of zelfs de toestemming van de agent) om dit te mogen doen, tenzij er een specifieke uitzondering geldt.

Wanneer mag ik de beelden wél verspreiden zonder toestemming van de agent? Dit mag voornamelijk als je je kan beroepen op de "journalistieke uitzondering". In een democratie is het controleren van de macht van de politie via beelden essentieel (de zogenoemde 'vierde macht'). Toch zijn hier strikte grenzen aan verbonden:

  • Maatschappelijk debat: De beelden moeten echt bijdragen aan een publiek debat. Denk aan het vastleggen van onrechtmatig politiegeweld of discriminatie.
  • Geen banale feiten: Het filmen van een doordeweekse, banale verkeerscontrole om je nieuwsgierigheid te bevredigen of om de politie zwart te maken, draagt níét bij aan een maatschappelijk debat.
  • Verantwoordelijkheid: Ook als je als gewone burger filmt en jezelf als 'burgerjournalist' ziet, moet je je aan basisregels houden, zoals het checken van de feiten en het niet zomaar plaatsen van eenzijdige, niet-geverifieerde beweringen. Daarnaast moet je je afvragen of het écht nodig is om het gezicht van de agent herkenbaar in beeld te brengen om je boodschap over te brengen.

Wat riskeer ik als ik agenten onterecht film en online zet? Als je de grenzen overschrijdt en geen geldige reden hebt om de beelden te verspreiden, kan dit ernstige gevolgen hebben. Je riskeert administratieve of strafrechtelijke sancties:

  • Inbreuk op de privacywetgeving: Je verwerkt illegaal persoonsgegevens, wat kan leiden tot stevige geldboetes.
  • Belaging (Stalking): Als je foto's of video's plaatst met het doel de rust van de betrokken agent(en) ernstig te verstoren en hen te viseren.
  • Laster en eerroof: Als je de beelden vergezelt van kwaadwillige, beledigende of onware commentaren om de reputatie van de agent bewust schade toe te brengen.

Mag de politie mijn smartphone afpakken als ze zien dat ik film? De politie mag je gsm niet zomaar uit je handen rukken puur en alleen omdát je filmt. Er zijn echter situaties waarin dit wel mag:

  • Wanneer de politie vaststelt dat jouw manier van filmen op dat moment een misdrijf vormt (bijvoorbeeld een flagrante privacyschending of stalking), mogen ze je toestel in beslag nemen om het bewijsmateriaal veilig te stellen.
  • Omdat het uitlezen van een smartphone een enorme inbreuk is op jouw eigen privacy, moet dit wel proportioneel gebeuren. De politie kan je bijvoorbeeld eerst de kans geven om zélf de beelden in hun bijzijn te wissen. Soms kan men ook enkel de specifieke video kopiëren zonder je hele toestel mee te nemen.
  • Het Controleorgaan adviseert agenten bovendien om bij twijfel altijd eerst een magistraat (zoals het parket) te contacteren voor toestemming en instructies.

Hoe moet het nu verder? Doordat er geen specifieke wet is, is het momenteel voor zowel de burger als de agent onduidelijk wat exact wel en niet mag. Rechters moeten nu telkens per geval beslissen. Het Controleorgaan (COC) dringt er dan ook sterk bij de overheid op aan om snel een duidelijke wet te maken. Daarin moet zwart op wit komen te staan óf en wanneer je mag filmen, wanneer je mag publiceren, en wanneer de politie mag ingrijpen.


Tijdschrift voor Mensenrechten - Het recht om politie te filmen


Is het wettelijk toegestaan om een politie-interventie te filmen?

  • Volgens het Controleorgaan op de Politionele Informatie (COC) is er momenteel geen duidelijke wet in België die dit uitdrukkelijk regelt. Het COC stelt dat "niet uitdrukkelijk verboden" niet automatisch betekent dat het zomaar mag.
  • Daartegenover stellen juristen en mensenrechtenorganisaties (zoals Police Watch) dat dit recht wél internationaal beschermd is onder de vrijheid van meningsuiting. Het filmen van de politie door burgers is een belangrijk instrument van democratische controle, dat in het verleden al meermaals buitensporig politiegeweld aan het licht heeft gebracht.

Verliezen agenten hun recht op privacy zodra zij hun uniform aantrekken?

  • Zeker niet. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) oordeelt dat ook werknemers en ambtenaren, waaronder politieagenten in functie, het recht hebben op de bescherming van hun privéleven en persoonsgegevens.
  • Dit recht op privacy is echter niet absoluut. Een inbreuk erop kan wettelijk worden toegestaan als dit noodzakelijk is in een democratische samenleving.

Welk recht weegt zwaarder: de privacy van de agent of de vrijheid van de filmer?

  • De Europese rechtspraak stelt dat de vrijheid van meningsuiting en het recht op privacy in principe gelijkwaardig zijn. Er is dus geen standaardregel die zegt welk recht altijd wint.
  • Er moet per situatie een afweging worden gemaakt. Daarbij kijkt men naar verschillende factoren: draagt het beeldmateriaal bij aan een maatschappelijk debat? Wat is de context? Wat zijn de gevolgen van de publicatie?.
  • Zolang er geen sprake is van onterechte persoonlijke aanvallen of opzettelijke laster, mag men filmen en communiceren over zaken van algemeen belang.

Zijn gewone burgers die beelden online plaatsen beschermd zoals journalisten?

  • Ja, vaak wel. Het Europees Hof van Justitie hanteert een zeer ruime definitie van "journalistieke activiteiten".
  • Dit omvat elke activiteit die als doel heeft om informatie, meningen of ideeën met het publiek te delen, ongeacht het medium (zoals YouTube of andere sociale media). Burgers die via hun beelden maatschappelijke misstanden willen aankaarten, genieten hierdoor een sterke bescherming.

Mag een agent zomaar beslissen om een smartphone of camera af te pakken?

  • Mensenrechtenexperts vinden het zeer gevaarlijk als een agent dit op eigen houtje zou beslissen, simpelweg omdat hij of zij voelt dat de eigen privacy geschonden wordt. De agent treedt op dat moment immers op als partij én als rechter in zijn eigen zaak.
  • Dit kan de politie bovendien duur komen te staan: een rechtbank in Brussel veroordeelde in 2021 nog twee agenten voor diefstal, omdat zij zonder geldige juridische reden de camera van een journalist in beslag hadden genomen.

Zijn er situaties waarin filmen echt niet door de beugel kan?

  • Het recht om te filmen kan en mag absoluut beperkt worden wanneer de persoon die filmt de veiligheid in gevaar brengt, de openbare orde verstoort, of een lopende politieoperatie fysiek hindert.
  • Ook de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen die door de politie worden aangehouden, kan een geldige reden zijn om het filmen te stoppen.

Moet er een nieuwe wet komen om dit allemaal te verduidelijken?

  • Het Controleorgaan (COC) vindt van wel en pleit voor nieuwe wetgeving om rechtszekerheid te bieden.
  • Juristen en mensenrechtenorganisaties vinden zo'n nieuwe wet echter onnodig en zelfs ongewenst. Zij oordelen dat het huidige Europese toetsingskader al voldoende mogelijkheden biedt om elke situatie eerlijk en individueel te beoordelen. Elke nieuwe wet die als doel heeft dit recht in het algemeen in te perken, wordt door hen gezien als een gevaarlijke stap terug voor de democratische controle op de politie.

ICT-Rechtswijzer - Mag ik de politie filmen en de beelden online plaatsen. 

Mag je zomaar alles filmen als de politie aan het werk is?

  • In principe is het louter filmen van een politie-interventie toegestaan. Het vastleggen van een politieoptreden, bijvoorbeeld om later als bewijs te dienen, is een belangrijk democratisch recht.
  • Er is echter een harde voorwaarde: je mag de politieactie op geen enkele manier hinderen en je moet de bevelen van de agenten (zoals de vraag om afstand te houden) opvolgen.

Is het toegestaan om deze gemaakte beelden vervolgens op sociale media te plaatsen?

  • Hier bevindt zich het grootste risico. Zodra je beelden publiceert waarop mensen herkenbaar in beeld komen, verwerk je persoonsgegevens en val je onder de strenge privacywetgeving (de AVG of GDPR).
  • Zonder toestemming van de gefilmde personen is dit in de regel verboden.
  • Er bestaat weliswaar een uitzondering voor "journalistieke doeleinden", maar rechters passen die zeer streng toe. Als jouw enige doel is om iemand persoonlijk aan te vallen of zwart te maken, in plaats van het publiek eerlijk te informeren, vervalt deze bescherming.
  • De veiligste optie is altijd om personen (zowel agenten als omstaanders) onherkenbaar te maken voordat je iets online plaatst.

Wat is de grens tussen kritiek uiten en strafbare feiten plegen?

  • Je ongenoegen uiten of een subjectieve mening geven over een politieoptreden (bijvoorbeeld: "Ik vond dat de politie te hardhandig optrad") valt onder de vrijheid van meningsuiting.
  • De grens wordt overschreden wanneer je opzettelijk onwaarheden verspreidt om iemands reputatie te vernietigen. Het kwaadwillig toeschrijven van valse feiten aan een identificeerbare agent, met als doel hem of haar publiekelijk belachelijk te maken of te schaden, is een misdrijf dat "smaad" wordt genoemd.

Verliezen politieagenten hun recht op privacy zodra zij hun uniform aantrekken?

  • Absoluut niet. Ook al oefenen agenten een openbare functie uit in de openbare ruimte, zij behouden te allen tijde hun recht op de bescherming van hun persoonsgegevens en hun reputatie.
  • Zij zijn geen vogelvrij verklaard wild en kunnen juridische stappen ondernemen tegen valse of schadelijke online campagnes.

Welke gebeurtenis leidde tot een recente uitspraak van de rechtbank hierover?

  • Tijdens een interventie in Gent filmde een zogenaamde "YouTuber" de politie, weigerde hij afstand te houden en was hij agressief.
  • Na de feiten plaatste hij selectief gemonteerde en uit de context gerukte beelden op Instagram.
  • Hij beschuldigde een specifieke agent er bovendien valselijk van een racistische uitspraak ("Pak de makakken") te hebben gedaan, en bewerkte het filmpje zelfs om dit kunstmatig te versterken.

Hoe heeft de rechter in deze specifieke zaak beslist?

  • De rechter was onverbiddelijk: dit was geen journalistiek, maar een gerichte, kwaadwillige persoonlijke aanval op de politie-inspecteur.
  • De man werd veroordeeld voor drie zaken: weerspannigheid (het negeren van bevelen en agressief gedrag), smaad aan de politie, én het schenden van de privacywetgeving (AVG).
  • De straf bestond uit een werkstraf van 50 uur en het betalen van een aanzienlijke schadevergoeding van 3.250 euro aan de slachtoffers.

Wat is de allerbelangrijkste les uit dit vonnis?

  • Je mag de politie controleren en bekritiseren, maar dat recht stopt waar de persoonlijke integriteit en de reputatie van een agent begint.
  • Beelden manipuleren, uit de context rukken en via sociale media valse beschuldigingen lanceren heeft niets te maken met vrije meningsuiting, maar is een strafbaar feit met zware financiële en strafrechtelijke gevolgen.

Brochure




woensdag 17 juni 2026

Wetsvoorstel bescherming identiteiten magistraten

Bron advies OVB

Wetsvoorstel tot wijziging van diverse bepalingen met het oog op de bescherming van magistraten en leden van de griffie door middel van het afschermen van hun identiteit

Samenvatting AI

 🚨 𝗢𝗩𝗕 𝘃𝗲𝗿𝘄𝗲𝗿𝗽𝘁 𝘄𝗲𝘁𝘀𝘃𝗼𝗼𝗿𝘀𝘁𝗲𝗹 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝗮𝗻𝗼𝗻𝗶𝗲𝗺𝗲 𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁𝗲𝗿𝘀: 𝗲𝗲𝗻 𝗴𝗲𝘃𝗮𝗮𝗿 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝗵𝗲𝘁 𝗲𝗲𝗿𝗹𝗶𝗷𝗸 𝗽𝗿𝗼𝗰𝗲𝘀

🏛️ De Orde van Vlaamse Balies (OVB) heeft een uiterst kritisch advies uitgebracht over een nieuw wetsvoorstel (56-1414) dat de identiteit van magistraten en griffiers in processtukken wil afschermen via een "functioneel identificatienummer",. Hoewel de veiligheid van justitiepersoneel belangrijk is, waarschuwt de OVB voor de zware impact op de fundamenten van onze rechtsstaat,.

⚖️ 𝗘𝗲𝗻 𝗮𝗮𝗻𝘁𝗮𝘀𝘁𝗶𝗻𝗴 𝘃𝗮𝗻 𝗱𝗲 𝗼𝗽𝗲𝗻𝗯𝗮𝗮𝗿𝗵𝗲𝗶𝗱 👁️ Volgens de OVB druist het anoniem rechtspreken fundamenteel in tegen de openbaarheid van de rechtspraak,. Burgers hebben het recht om te weten wie recht over hen spreekt. Dit garandeert publieke controle, transparantie en het vertrouwen in justitie,. De zichtbaarheid van de rechter is bovendien een absolute bescherming tegen willekeur.

🛑 𝗨𝗶𝘁𝗵𝗼𝗹𝗹𝗶𝗻𝗴 𝘃𝗮𝗻 𝗵𝗲𝘁 𝘄𝗿𝗮𝗸𝗶𝗻𝗴𝘀𝗿𝗲𝗰𝗵𝘁 🛡️ Als advocaten en partijen de naam van de rechter niet kennen, wordt het nagenoeg onmogelijk om mogelijke belangenconflicten op te sporen en het recht op wraking effectief uit te oefenen,. Dit brengt het recht op een eerlijk proces (zoals gewaarborgd in het EVRM) en het recht op de wettelijk toegekende, natuurlijke rechter (artikel 13 Grondwet) direct in gevaar.

❌ 𝗢𝗻𝗷𝘂𝗶𝘀𝘁𝗲 𝗮𝗿𝗴𝘂𝗺𝗲𝗻𝘁𝗮𝘁𝗶𝗲 𝗲𝗻 𝗼𝗻𝗱𝘂𝗶𝗱𝗲𝗹𝗶𝗷𝗸𝗲 𝗽𝗿𝗼𝗰𝗲𝗱𝘂𝗿𝗲𝘀 📖 De indieners van het wetsvoorstel verwijzen onterecht naar buurlanden zoals Nederland, Italië en Frankrijk ter rechtvaardiging,. De OVB weerlegt dit grondig: in die landen bestaat er geen vergelijkbare, algemene afscherming van de zittende magistratuur,,,. Daarnaast zit het voorstel vol met procedurele onduidelijkheden en klaagt de Orde aan dat er geen expliciete motiveringsplicht is voorzien voor de beslissing tot afscherming zélf?

🔨 𝗖𝗼𝗻𝗰𝗹𝘂𝘀𝗶𝗲 📉 De OVB besluit scherp dat de voorgestelde regeling het evenwicht tussen de terechte bescherming van magistraten en de waarborgen van de rechtsstaat fundamenteel verstoort,. De tekst is in de huidige vorm onverenigbaar met het eerlijk proces en kan aldus niet op steun rekenen.

-----


Tegen dit advies kunnen de volgende kritische argumenten worden geplaatst:

1. De absolute noodzaak van fysieke veiligheid Zelfs de OVB erkent volmondig dat de doelstelling van het wetsvoorstel – het waarborgen van de veiligheid en persoonlijke levenssfeer van justitiepersoneel – legitiem is. De indieners van de wet benadrukken dat de huidige wetgeving enkel voorziet in fysieke beveiligingsmaatregelen (zoals bewaking), maar tekortschiet omdat er geen juridisch kader is om de identiteit in gerechtelijke documenten af te schermen. In zaken waar ernstige aanwijzingen bestaan dat de fysieke integriteit van een magistraat, griffier of hun gezinsleden ernstig in gevaar komt, is louter fysieke bewaking volgens hen onvoldoende en is operationele anonimiteit via een "functioneel identificatienummer" noodzakelijk.

2. Naamsbekendheid is geen vereiste voor legitimiteit De ontwerpers van de wet beargumenteren dat de afscherming de openbaarheid van de rechtspraak niet vernietigt, maar de vorm ervan simpelweg "herdefinieert". Volgens de indieners staat de naamsbekendheid van de magistraat niet langer centraal, en is de identiteit van de rechter niet noodzakelijk om de legitimiteit van diens rechterlijke beslissing te waarborgen.

3. Het recht op wraking en controle blijft behouden via een "waarborgmagistraat" Waar de OVB stelt dat de controle op rechters verdwijnt, argumenteren de indieners dat de regeling "de controleerbaarheid en de wrakingsrechten van de procespartijen intact laat". Het wetsvoorstel bouwt namelijk een interne veiligheidsklep in via de aanstelling van een waarborgmagistraat of toezichthoudende instantie. Partijen en hun advocaten kunnen altijd een met redenen omkleed verzoek indienen bij deze instantie om de identiteit alsnog vrij te geven, specifiek wanneer dit noodzakelijk is voor de uitoefening van de rechten van de verdediging of een wrakingsprocedure.

4. Internationale tendensen en rechtspraak Ter rechtvaardiging van de wet verwijzen de opstellers naar het buitenland. Zij stellen dat België tot de weinige landen behoort zonder zo'n regeling en wijzen naar Nederland, Italië en Frankrijk, waar volgens hen wél al specifieke regels voor pseudonimisering bestaan om de veiligheid te garanderen. Bovendien maken de indieners gewag van "herhaaldelijke" rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) die de anonimiteit van leden van de magistratuur expliciet zou toestaan.

(Opmerking ter nuance: de OVB weerlegt in haar advies deze twee laatste argumenten door te stellen dat ze de buitenlandse regelingen verkeerd interpreteren en dat ze de bewuste EHRM-arresten nergens kunnen terugvinden. Toch vormen ze de basis van de argumentatie vóór de wet).


vrijdag 12 juni 2026

Wet wegverkeer 25 mei 2026 - AI

Bron

Wet en voorbereidende werkzaamheden downloaden: afzonderlijk en gebundeld

Podcast

Invoering in het Nieuwe Strafwetboek (Art. 1 t.e.m. 3)

  • Art. 1 & 2: Formele bepalingen en de opheffing van enkele verouderde artikelen.
  • Art. 3: Dit artikel regelt de overgang naar het nieuwe Strafwetboek. Het bepaalt welke algemene strafrechtelijke regels (zoals samenloop van misdrijven) wel of niet van toepassing zijn op verkeersovertredingen.

Nieuwe definities (Art. 4 t.e.m. 6)

  • Art. 4 & 6: Formele wijzigingen van hoofdstuktitel en opheffing van een oud artikel.
  • Art. 5 (Definitie motorvoertuig): Dit is een zeer belangrijke toevoeging. Voor het eerst definieert de wet een "motorvoertuig" expliciet als voertuigen waarvoor een rijbewijs vereist is, aangevuld met bromfietsen klasse A (tot 25 km/u). Hierdoor vallen elektrische steps en gewone e-bikes officieel buiten deze definitie.

Hervorming van de straffen en boetes (Art. 7 t.e.m. 18)

Deze artikelen vervangen de oude boetebedragen door de nieuwe "strafniveaus" (niveau 1, 2 en 3) uit het nieuwe Strafwetboek, hoewel de wet voor verkeersinbreuken specifieke boetevorken blijft behouden.

  • Art. 7 & 8: Koppelt de verschillende graden van verkeersovertredingen en snelheidsovertredingen aan een straf van niveau 1, met boetes variërend van 80 tot 4000 euro, afhankelijk van de inbreuk. Artikel 8 pakt radarverklikkers aan met boetes tot 8000 euro (en verdubbeling bij herhaling).
  • Art. 9: Verhoogt de straffen (tot niveau 2 of 3 bij herhaling) voor bedrijven of personen die weigeren mee te delen wie er met een voertuig reed op het moment van een overtreding.
  • Art. 10 t.e.m. 12: Verstrengt de straffen voor het rijden tijdens een rijverbod of schorsing (strafniveau 2, boetes tot 16.000 euro) en voor het uitlenen van een voertuig aan iemand zonder rijbewijs.
  • Art. 13 (Vluchtmisdrijf): De straffen voor vluchtmisdrijf worden fors verstrengd indien er sprake is van gewonden ("integriteitsaantasting") of doden. In dat geval geldt een straf van niveau 2 of 3, met boetes tot 40.000 euro en een verplicht rijverbod van minstens 3 maanden tot levenslang.
  • Art. 14 t.e.m. 18: Actualiseert de straffen voor het rijden zonder verzekering of keuring, en verstrengt de straffen voor recidive en het manipuleren van een alcoholslot (nu een straf van niveau 2).

Rijden onder invloed & Ketamine (Art. 19, 35, 36, 39 & 40)

  • Art. 19: Voegt ketamine expliciet toe aan de lijst van verboden drugs in het verkeer. Ook het opzettelijk weigeren van een test wordt zwaarder bestraft (strafniveau 1, boete tot 16.000 euro).
  • Art. 35 (12 uur rijverbod): Dit artikel voert een zeer streng en uniform beleid in: het tijdelijk rijverbod na betrapping op alcohol of drugs wordt standaard vastgelegd op 12 uur (voorheen was dit vaak 6 uur of afhankelijk van de afbraaktijd). Ook de referentiewaarde in de wettekst wordt verlaagd van 0,35 naar 0,22 milligram.
  • Art. 36, 39 & 40: Bepalen de exacte wettelijke grenswaarden voor ketamine in het speeksel (25 ng/ml) en bloed (25 ng/ml) en stellen dat deze analyses bewijskracht hebben tot het tegendeel bewezen is.

Uitbreiding verval van het recht tot sturen (Art. 20 t.e.m. 30)

  • Art. 24 (Uitbreiding rijverbod): Dit beantwoordt direct aan uw vraag. De rechter kan voortaan een rijverbod ("verval van het recht tot sturen") uitbreiden naar andere voertuigen die geen motorvoertuig zijn, zoals elektrische steps of e-bikes. De rechter moet dit wel uitdrukkelijk motiveren. Voertuigen voor mensen met een beperkte mobiliteit (die slechts stapvoets rijden) zijn hiervan uitgesloten.
  • Art. 25 t.e.m. 27: Verzwaart de straffen (niveau 2 of 3) voor wie toch rijdt terwijl hij een verval van het recht tot sturen heeft gekregen, of wie zijn voertuig toevertrouwt aan iemand met een rijverbod.
  • Art. 28 t.e.m. 30: Regelt de specifieke verbeurdverklaring van voertuigen in het verkeersrecht en bestraft het stiekem gebruiken van een geïmmobiliseerd (geblokkeerd) voertuig.

De Beginnende Bestuurder (Art. 31 & 32)

  • Art. 31: Breidt het toepassingsgebied van de beginnende bestuurder uit. Voortaan vallen ook houders van een voorlopig rijbewijs expliciet onder het strenge regime van de beginnende bestuurder. Dit betekent dat zij bij zware overtredingen veel sneller een verplicht rijverbod krijgen en opnieuw examens moeten afleggen. Ook begeleiders van leerling-bestuurders worden in de tekst verduidelijkt.
  • Art. 32: Bepaalt de sancties voor overtredingen rond deze voorwaarden.

Procedurele wijzigingen: Termijnen, Proces-Verbaal en Verjaring (Art. 33 t.e.m. 34, 37, 38 & 41 t.e.m. 44)

  • Art. 33 & 34: Bepaalt de nieuwe, strikte procedures en termijnen (binnen 15 dagen) om via de politierechtbank in beroep te gaan tegen de immobilisering van een voertuig.
  • Art. 37 & 44 (Verlenging termijn PV): De termijn waarbinnen de politie het proces-verbaal naar de overtreder moet sturen, wordt opgetrokken van 14 naar 30 dagen. Dit verkleint de kans voor overtreders om procedurefouten in te roepen drastisch.
  • Art. 42 (Uniforme Verjaring): De verjaringstermijn voor alle verkeersinbreuken wordt geharmoniseerd op drie jaar. Ook minder zware inbreuken blijven hierdoor veel langer vervolgbaar.
  • Art. 38, 41 & 43: Brengen technische tekstuele correcties aan in diverse artikelen ter afstemming met het nieuwe strafrecht.

Inwerkingtreding (Art. 45)

  • Art. 45: De inwerkingtreding verloopt in fases. Een groot deel (waaronder de definitie van motorvoertuigen, het rijverbod voor e-steps, het 12-uur rijverbod, de PV-termijn van 30 dagen en de verjaringstermijn van 3 jaar) is reeds in werking getreden op 1 juli 2026. De rest van de artikelen volgt tegelijk met de invoering van het nieuwe Strafwetboek of op een door de Koning te bepalen datum.