Printvriendelijk afdrukken

zaterdag 17 januari 2026

Omzendbrief van 16/01/2026 betreffende de wijziging van artikel 34 van het koninklijk besluit van 11 juli 2002 houdende het algemeen reglement inzake het recht op maatschappelijke integratie

BRON

Hieronder volgt een gedetailleerde uitleg van de nieuwe regelgeving rond het recht op maatschappelijke integratie via een vraag-en-antwoordsessie, gebaseerd op de verstrekte bronnen.

Wat is de kern van de nieuwe wijziging in Artikel 34?

De belangrijkste verandering is de uitbreiding van de groep personen van wie de bestaansmiddelen (inkomsten) worden meegeteld bij de berekening van het leefloon van een aanvrager die samenwoont. Voorheen werd er naast de partner enkel gekeken naar bloedverwanten in de eerste graad, maar de nieuwe tekst bepaalt dat de inkomsten van alle samenwonende onderhoudsplichtigen in aanmerking worden genomen.


Wie worden er nu precies beschouwd als onderhoudsplichtigen?

Naast de levenspartner gaat het om de volgende personen, mits er een juridische afstammingsband is:

  • Eerste graad: Ouders, kinderen, adoptanten en geadopteerden.
  • Tweede graad: Grootouders en kleinkinderen.
  • Aanverwanten (in-laws): Schoonouders, schoonzonen en schoondochters.
  • Let op: Bij aanverwanten geldt de regel enkel als de aanvrager of diens kind getrouwd is; bij feitelijk of wettelijk samenwonen geldt deze onderhoudsplicht niet.

Waarom heeft de overheid deze strengere regels ingevoerd?

De ministers willen hiermee excessen tegengaan waarbij grote gezinnen met meerdere volwassenen zeer hoge bedragen aan leefloon konden combineren. Het doel is om het systeem eerlijk en betaalbaar te houden, waarbij gezinssolidariteit voorrang heeft op solidariteit vanuit de Staat. Men wil voorkomen dat mensen zonder werk financieel beter af zijn dan zij die werken.

Hoe wordt het leefloon nu concreet berekend?

Het OCMW berekent de inkomsten van de samenwonende persoon alsof deze zelf een aanvrager is. Hierbij gelden enkele belangrijke regels:

  1. Bescherming van het minimum: Er wordt gegarandeerd dat elke meerderjarige in het huishouden (fictief) ten minste kan beschikken over het leefloonbedrag voor samenwonenden (categorie 1). Alleen de inkomsten die dit bedrag overschrijden, worden van het leefloon van de aanvrager afgetrokken.
  2. Geen sociaal-professionele vrijstelling (SPI): De SPI-vrijstelling mag niet worden toegepast op de inkomsten van de samenwonende partner die werkt en zelf geen recht heeft op maatschappelijke integratie.
  3. Kinderbijslag: Voor de berekening wordt kinderbijslag die de samenwonende voor de aanvrager ontvangt meegeteld als inkomst, meestal tegen een forfaitair bedrag van 240 euro.

Zijn er uitzonderingen mogelijk?

Ja, het OCMW behoudt de autonomie om op basis van billijkheidsredenen te besluiten om de inkomsten van een onderhoudsplichtige niet of slechts gedeeltelijk mee te tellen. Dit moet echter altijd uitgebreid gemotiveerd worden in het sociaal verslag. Ook met de inkomsten van minderjarige kinderen wordt nooit rekening gehouden.

Wanneer gaan deze nieuwe regels in?

De wijzigingen treden officieel in werking op 1 maart 2026. Voor mensen die op 16 januari 2026 al een leefloon ontvingen, wordt de nieuwe regeling pas toegepast bij de eerstvolgende herziening van hun dossier. Dit kan gebeuren bij een wijziging in hun situatie, een foutieve verklaring of tijdens de jaarlijkse herziening van de toekenningsvoorwaarden.