Printvriendelijk afdrukken

zondag 4 januari 2026

Arrest Danilet tegen Roemenië - vrijheid van meningsuiting rechters

Bron

Arrest van de Grote Kamer van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in de zaak Danileţ tegen Roemenië

Het geschil draait om een Roemeense rechter die tuchtrechtelijk werd gesanctioneerd voor twee Facebook-berichten, waarin hij zich kritisch uitliet over de politiek en de rechterlijke macht prees. Het Hof onderzoekt of deze straf een gerechtvaardigde inbreuk vormde op zijn vrijheid van meningsuiting of dat de nationale autoriteiten zijn recht op publiek debat hebben geschonden. In de tekst worden belangrijke criteria geformuleerd voor de balans tussen de discretieplicht van magistraten en hun rol als burgers in een democratische samenleving. Daarnaast bevat het document uiteenlopende juridische standpunten en minderheidsadviezen over de grenzen van professionele ethiek op sociale media. De uiteindelijke uitspraak benadrukt dat sancties tegen rechters nauwgezet moeten worden getoetst om een afschrikwekkend effect op de onafhankelijkheid van de rechtspraak te voorkomen.

Het Hof hanteert een evenwichtsoefening tussen twee fundamentele belangen: enerzijds het recht op vrije meningsuiting (dat rechters ook hebben) en anderzijds de discretieplicht (de plicht tot terughoudendheid) om het vertrouwen van het publiek in de rechtspraak te beschermen.

Hieronder wordt uitgelegd wat wel en niet mag, en welke specifieke criteria het Hof gebruikt om dit te beoordelen.

De Basisprincipes: Waarop is dit gebaseerd?

De regels zijn gebaseerd op Artikel 10 van het EVRM (Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens).

  1. Het Recht: Iedereen, dus ook een rechter, heeft het recht om zijn mening te uiten.
  2. De Beperking: Omdat rechters een speciale rol vervullen, draagt hun vrijheid "plichten en verantwoordelijkheden" met zich mee. Hun vrijheid mag worden beperkt als dat nodig is om het "gezag en de onpartijdigheid van de rechterlijke macht te handhaven".

De 5 Criteria van het Hof

In de zaak Danileţ heeft de Grote Kamer van het Hof de regels voor rechters (vooral op sociale media) geconsolideerd in vijf specifieke criteria die nationale rechtbanken moeten toetsen,:

1. De inhoud en de vorm van de uitlatingen

  • Wat mag: Rechters mogen zich uitspreken over zaken van algemeen belang, vooral als het gaat om justitiële hervormingen of het functioneren van het rechtssysteem. Ook waardeoordelen ter verdediging van de democratische rechtsstaat vallen hieronder.
  • Wat mag niet: Beledigende, haatdragende of lasterlijke taal gebruiken. Het gebruik van onduidelijke taal kan problematisch zijn als het door het publiek verkeerd kan worden opgevat. Rechters moeten "nuchter en voorzichtig" zijn in hun toon.

2. De context en hoedanigheid

  • Wat mag: Als de rechtsstaat of democratie ernstig wordt bedreigd, hebben rechters niet alleen het recht, maar soms zelfs de plicht om zich uit te spreken.
  • Wat mag niet: Commentaar geven op lopende rechtszaken. Dit is strikt verboden om de eerlijkheid van het proces niet te beïnvloeden. Ook moet worden gekeken of de rechter sprak als privépersoon of in een officiële functie; rechters in hoge functies (zoals rechtbankpresidenten) hebben soms een ruimere bescherming als ze spreken namens de rechtspraak, maar "gewone" rechters mogen zich ook mengen in het debat.
  • Context: Er moet gekeken worden of de uitspraken gedaan werden tijdens een breed maatschappelijk debat of politieke controverse.

3. De gevolgen van de uitlatingen

  • Het Hof kijkt of de uitspraken daadwerkelijk schade hebben toegebracht aan het imago van de justitie.
  • Het enkele feit dat media erover berichten of dat er discussie ontstaat, betekent niet automatisch dat de rechterlijke macht is beschadigd.
  • Bij sociale media moet rekening worden gehouden met het bereik (openbaar vs. besloten) en de snelheid van verspreiding.

4. De zwaarte van de sanctie

  • Zelfs lichte sancties (zoals een kleine salariskorting) kunnen een probleem zijn.
  • Het Hof kijkt naar het "chilling effect" (afschrikkende werking): als een rechter wordt gestraft, durven andere rechters zich in de toekomst misschien niet meer uit te spreken over misstanden, wat slecht is voor de maatschappij.

5. De procedurele waarborgen

  • De rechter moet een eerlijk proces krijgen. De maatregel moet worden getoetst door een onafhankelijke en onpartijdige instantie.
  • De nationale autoriteiten moeten relevante en toereikende redenen geven voor de straf. Ze mogen niet zomaar zeggen dat iets "ongepast" is zonder uit te leggen waarom en hoe het de justitie schaadt.

Samenvattend: Wat mag wel en wat mag niet?

WAT MAG (Over het algemeen):

  • Deelnemen aan debatten over wetgeving, de rechtsstaat en de scheiding der machten.
  • Kritiek uiten op politieke invloed op justitie of het leger (zoals in de zaak Danileţ).
  • Steun betuigen aan collega's die protesteren tegen hervormingen die de onafhankelijkheid van de justitie bedreigen.
  • Gebruik maken van sociale media, mits met voorzichtigheid.
  • Een eigen mening hebben en uiten als burger, zolang dit de onpartijdigheid niet in gevaar brengt.

WAT MAG NIET:

  • Geheimhouding schenden: Informatie lekken uit dossiers.
  • Lopende zaken bespreken: Zich uitlaten over zaken die nog onder de hamer zijn of kunnen komen.
  • Partijdigheid tonen: Zich zo gedragen dat burgers kunnen denken dat de rechter niet meer neutraal is (bijv. politieke partijdigheid in specifieke geschillen).
  • Onwaardig gedrag: Taalgebruik dat "obsceen", "grof" of "beledigend" is en daardoor de waardigheid van het ambt aantast. Echter, het Hof oordeelde in deze zaak dat spreektaal (zoals "bloed in de aderen/ballen hebben") niet automatisch een tuchtstraf rechtvaardigt als niet wordt uitgelegd waarom dit zo ernstig is.

6. Welke sociale media worden bedoeld?

Hoewel de zaak Danileţ specifiek draaide om berichten op Facebook, maakt het Hof duidelijk dat de principes gelden voor het internet en sociale media in het algemeen.

In de documenten worden de volgende vormen expliciet of impliciet genoemd:

  • Sociale netwerken: Zoals Facebook, waar rechters een profiel hebben en berichten (posts) kunnen plaatsen.
  • Blogs: Rechters of populaire gebruikers worden hier soms gezien als "public watchdogs" (publieke waakhonden).
  • Berichtendiensten en besloten groepen: Het Hof maakt onderscheid tussen open netwerken en gesloten groepen (zoals WhatsApp-groepen of besloten fora), hoewel ook daar regels gelden.
  • Online nieuwswebsites: Het reageren op nieuwsartikelen of het delen van hyperlinks naar persartikelen valt hier ook onder.

7. Wat telt als een "meningsuiting" op sociale media?

Het Hof hanteert een zeer brede definitie. Het gaat niet alleen om lange juridische betogen. De gedragsregels zijn van toepassing op diverse uitingsvormen, waaronder:

  • Berichten en commentaren: Zelf geschreven teksten.
  • Foto's en video's: Beeldmateriaal kan ook de waardigheid van de rechtspraak aantasten.
  • Hyperlinks: Het delen van een link naar een artikel (zoals Danileţ deed) kan worden gezien als het onderschrijven van de inhoud van dat artikel.
  • "Likes" en interacties: Dit is een cruciaal detail. Het Hof stelt expliciet dat zelfs "loutere 'likes'" (het liken van een bericht van iemand anders) onder de toetsing vallen. Ook "kleine en terloopse acties" zoals het doorsturen van informatie tellen mee.
  • Vriendschappen: Het online "volgen" of "vrienden worden" met bepaalde personen (bijv. advocaten of partijen in een zaak) kan de schijn van partijdigheid wekken.

8. Specifieke risico's en regels voor sociale media

Het Hof en de aangehaalde richtlijnen benadrukken dat sociale media andere risico's met zich meebrengen dan de traditionele media (zoals een kranteninterview).

A. Het bereik en het "Influencer"-effect

  • Groot bereik: De rechter in deze zaak had 50.000 volgers. Het Hof oordeelde dat hij zich daarmee opstelde als een soort "influencer". Rechters mogen sociale media niet gebruiken op een manier die de integriteit van de rechtspraak aantast door zich als influencer te gedragen.
  • Publiek karakter: Een profiel dat openbaar toegankelijk is voor iedereen, wordt gezien als een publieke ruimte (vergelijkbaar met een plein). Rechters moeten zich realiseren dat hun berichten door een onbepaald aantal mensen gelezen kunnen worden.

B. Taalgebruik en Toon

  • Op sociale media is de toon vaak informeler. Dit is een valkuil voor rechters. In deze zaak gebruikte de rechter de uitdrukking "sânge în instalaţie" (wat vertaald kan worden als "bloed in de aderen" of grover als "ballen hebben").
  • Hoewel het Hof uiteindelijk oordeelde dat dit specifieke taalgebruik in zijn context toelaatbaar was, werd benadrukt dat rechters zich "omzichtig en professioneel" moeten uitdrukken en grove taal moeten vermijden, omdat dit snel de waardigheid van het ambt kan aantasten.

C. Privacy en Pseudoniemen

  • Geen schuilplaats: Het gebruik van een pseudoniem (schuilnaam) beschermt een rechter niet tegen tuchtrechtelijke straffen als men zich onethisch gedraagt.
  • Open vs. Gesloten: Het Hof maakt een onderscheid bij de beoordeling van de strafmaat. Een bericht in een besloten groep voor familie en vrienden wordt anders beoordeeld dan een bericht op een openbaar profiel. Echter, rechters moeten zich ervan bewust zijn dat ook berichten in besloten kring (bijv. screenshots) naar buiten kunnen lekken en permanent online kunnen blijven staan.

Samenvattend: De "Like"-regel

Een belangrijk detail om te onthouden is dat zelfs een "like" op een controversieel bericht van iemand anders door de tuchtrechter kan worden gezien als een schending van de discretieplicht. Het Hof stelt dat rechters bij elke interactie (post, comment, like) moeten nadenken over de impact op de waardigheid van de rechtspraak.

 


zaterdag 3 januari 2026

Indexatie van de beslaggrenzen - 1 januari 2026

 Indexatie van de beslaggrenzen (beslaggrenzen bepalen het gedeelte van je inkomen waarop beslag kan gelegd worden). Er is een verschil tussen een loon en een vervangingsinkomen.


Bron en schema: https://www.helderrecht.be/nl/nieuws/indexatie-van-de-beslaggrenzen-op-1-januari-2026